Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Ontslag; afspiegelingsbeginsel; uitwisselbaarheid van functies. Is voor…
Hoge Raad, 14 juli 2017
ECLI:NL:HR:2017:1349 · Hoge Raad · 14 juli 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2017-1349
Zaakgegevens
Op 14 juli 2017 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 14 juli 2017
- Datum publicatie
- 13 juli 2017
- Zaaknummer
- 16/05965
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.H.M. van Swaaij
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2017:1349
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Ontslag; afspiegelingsbeginsel; uitwisselbaarheid van functies. Is voor toepassing van het afspiegelingsbeginsel van belang of de werkzaamheden behorend bij een bepaalde functie daadwerkelijk worden uitgeoefend?
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 8 september 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:4046Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 2 juni 2017
ECLI:NL:PHR:2017:473Hoge Raad · 14 juli 2017deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2017:1349
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
14 juli 2017
Eerste Kamer
16/05965
LZ/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
|
[verzoeker] , VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij, |
|
|
t e g e n |
|
|
STICHTING TANTELOUISE, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. |
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en tanteLouise.
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 4700515/AZ VERZ 15-156 en 4700605/AZ VERZ 15-157 van de kantonrechter te Bergen op Zoom van 29 februari 2016;
b. de beschikking in de zaak 200.192.307/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 september 2016.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
TanteLouise heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 16 juni 2017 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van tanteLouise begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 juli 2017.