Internationaal privaatrecht
Art. 81 lid 1 RO. Internationaal privaatrecht. Bevoegdheid. Beslagrecht. Bevoegdheid o.g.v. art. 767 Rv…
Hoge Raad, 21 april 2023
ECLI:NL:HR:2023:656 · Hoge Raad · 21 april 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/internationaal-privaatrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-656
Zaakgegevens
Op 21 april 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over internationaal privaatrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 21 april 2023
- Datum publicatie
- 20 april 2023
- Zaaknummer
- 22/00178
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Internationaal privaatrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- aanvankelijk R.S. Meijer
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:656
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Internationaal privaatrecht. Bevoegdheid. Beslagrecht. Bevoegdheid o.g.v. art. 767 Rv (forum arresti) t.a.v. hoofdzaak (art. 700 lid 3 Rv). Vervolg van HR 13 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3299. Gevolgen van HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:54 voor rechtsmacht.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 19 oktober 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3150Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 24 februari 2023
ECLI:NL:PHR:2023:242Hoge Raad · 21 april 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:656
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/00178
Datum 21 april 2023
ARREST
In de zaak van
OOO PROMNEFTSTROY,
gevestigd te Moskou, Russische Federatie,
EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: Promneftstroy,
advocaat: aanvankelijk R.S. Meijer, thans R.R. Verkerk,
tegen
1. YUKOS CAPITAL LIMITED,
gevestigd te Tortola, Britse Maagdeneilanden,
2. FINANCIAL PERFORMANCE HOLDINGS B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS in cassatie, eiseressen in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: Yukos Capital en FPH,
advocaten: J.W.M.K. Meijer en J.J. Valk.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de afzonderlijke vonnissen in de zaken C/13/415603 / HA ZA 08-3565 en C/13/419369 / HA ZA 09-449 van de rechtbank Amsterdam van 5 december 2018;
b. het arrest in de zaken 200.260.964/01 en 200.260.967/01 van het gerechtshof Amsterdam van 19 oktober 2021.
Promneftstroy heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Yukos Capital en FPH hebben voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor Promneftstroy toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Promneftstroy heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel in het principale beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep slaagt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- veroordeelt Promneftstroy in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Yukos Capital en FPH begroot op € 14.229,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Promneftstroy deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 21 april 2023.