Strafrecht overig
Woningoverval. Medeplegen diefstal met geweld, art. 312.2.2 Sr. Bewijsklacht medeplegen. Kon hof (gelet op…
Hoge Raad, 3 november 2026
ECLI:NL:HR:2026:1766 · Hoge Raad · 3 november 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-1766
Zaakgegevens
Op 3 november 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 november 2026
- Datum publicatie
- 29 oktober 2026
- Zaaknummer
- 24/04074
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:1766
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Woningoverval. Medeplegen diefstal met geweld, art. 312.2.2 Sr. Bewijsklacht medeplegen. Kon hof (gelet op handelingen die verdachte heeft verricht) aannemen dat sprake is van medeplegen en is dit oordeel (gelet op verweer van raadsman) voldoende gemotiveerd?
HR: at. 81.1 RO.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 1 november 2024
ECLI:NL:GHSHE:2024:4290Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 oktober 2026
ECLI:NL:PHR:2026:899Hoge Raad · 3 november 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:1766
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/04074
Datum 3 november 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 november 2024, nummer 20-003360-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat B.G. Janssen bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 november 2026.