Europees strafrecht

EAB België, Officier van Justitie niet-ontvankelijk verklaard

Rechtbank Amsterdam, 2 mei 2024

Zaakgegevens

Op 2 mei 2024 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over europees strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
2 mei 2024
Datum publicatie
6 mei 2024
Zaaknummer
13.069340-24
Procedure
Eerste en enige aanleg
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2024:2575
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

EAB België, Officier van Justitie niet-ontvankelijk verklaard

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13.069340-24

Datum uitspraak: 2 mei 2024

UITSPRAAK

op de vordering van 1 maart 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 14 februari 2024 door de Rechtbank eerste aanleg Limburg, afdeling Tongeren, België (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedag] 1981,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[adres],

hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1 Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 18 april 2024, in aanwezigheid van mr. M. al-Mansouri, officier van justitie. De opgeëiste persoon is niet verschenen. De opgeëiste persoon is vertegenwoordigd door zijn raadsman, mr. M.P.M. Balemans, advocaat te Amsterdam.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd.

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Nederlandse nationaliteit heeft.

4 Officier van justitie niet-ontvankelijk

De rechtbank is van oordeel dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB.

De Belgische onderzoeksrechter heeft per e-mail van 19 april 2024 laten weten dat de opgeëiste persoon zich bij de Belgische autoriteiten heeft gemeld en dat het EAB is ingetrokken, waardoor de grondslag aan de vordering is komen te ontvallen.

5 Beslissing

HEROPENT het onderzoek ter terechtzitting;

VERKLAART de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB;

HEFT OP de - geschorste - overleveringsdetentie.

Deze uitspraak is gedaan door

mr. J.P.W. Helmonds, voorzitter,

mrs. M. Vaandrager en M. Westerman, rechters,

in tegenwoordigheid van L.E. Poel, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 2 mei 2024.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.