Europees strafrecht

EAB Duitsland; overlevering toegestaan

Rechtbank Amsterdam, 14 augustus 2024

Zaakgegevens

Op 14 augustus 2024 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over europees strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
14 augustus 2024
Datum publicatie
15 augustus 2024
Zaaknummer
13/167832-24
Procedure
Eerste en enige aanleg
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2024:5111
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

EAB Duitsland; overlevering toegestaan

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/167832-24

Datum uitspraak: 14 augustus 2024

UITSPRAAK

op de vordering van 5 juni 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 17 mei 2024 door het Amtsgericht Aachen, Duitsland (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2005,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[BRP adres] ,

gedetineerd in [detentieplaats] ,

hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1 Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 31 juli 2024, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon heeft door middel van een schriftelijke verklaring afstand gedaan van zijn recht om aanwezig te zijn om op de zitting. Wel is verschenen zijn gemachtigd raadsvrouw, mr. K. Valkeneers, advocaat in Simpelveld, die namens hem het woord heeft gevoerd. De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd.

Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen.

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Nederlandse nationaliteit heeft.

3 Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een pre-trial detention order van het Amtsgericht Aachen van 17 mei 2024 (520 Gs 156/24).

De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar Duits recht strafbare feiten. Deze feiten zijn omschreven in het EAB.

4 Strafbaarheid; feit vermeld op bijlage 1 bij de OLW

De uitvaardigende justitiële autoriteit wijst de strafbare feiten aan als een zogenoemd lijstfeit, dat in Nederland in de lijst van bijlage 1 bij de OLW staat vermeld. De feiten vallen op deze lijst onder nummer 18, te weten:

georganiseerde of gewapende diefstal.

Uit het EAB volgt dat op deze feiten naar het recht van Duitsland een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren is gesteld.

Dit betekent dat een onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van de feiten waarvoor de overlevering wordt verzocht, achterwege moet blijven.

5 De garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW

De opgeëiste persoon heeft de Nederlandse nationaliteit. De rechtbank stelt vast dat de opgeëiste persoon daarnaast zodanige banden heeft met Nederland, dat de tenuitvoerlegging van een eventueel na overlevering opgelegde straf, uit het oogpunt van sociale re-integratie beter in Nederland kan plaatsvinden dan in de uitvaardigende lidstaat. Zijn overlevering kan daarom worden toegestaan, wanneer is gewaarborgd dat de opgeëiste persoon, in geval van veroordeling in de uitvaardigende lidstaat tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf na overlevering, deze straf in Nederland mag ondergaan.

De officier van justitie te Aachen heeft op 20 juni 2024 de volgende garantie gegeven:

In the German version, the guarantee is given for „the persecuted", who are described earlier in the letter as (…), [opgeëiste persoon] , (…).

For clarification, I hereby issue the following statement again for all these persons:

Please be assured that, in the event of a legally binding judgement in the Ferderal Republic

of Germany, these persons will be returned to the Netherlands for further enforcement on

the basis of Council Framework Decision 2008/909/JBZ of 27 November 2008 on the

application of the principle of mutual recognition to judgements in criminal matters

imposing custodial sentences or measures involving deprivation of liberty for the purpose

of their enforcement in the European Union (Official Journal L 327 of 05/12/2008, page 27).

Naar het oordeel van de rechtbank is deze garantie voldoende.

6 Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

7 Toepasselijke wetsartikelen

De artikelen 2, 5, 6 en 7 OLW.

8 Beslissing

STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan het Amtsgericht Aachen (Duitsland) voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.


Deze uitspraak is gedaan door

mr. R.A. Sipkens, voorzitter,

mrs. B.M. Vroom-Cramer en A. Pahladsingh, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. C.W. van der Hoek, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 14 augustus 2024.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. Zie onderdeel e) van het EAB.