Vreemdelingenrecht

BNT, asiel, eerder beroep ingesteld, beroep niet-ontvankelijk

Rechtbank Den Haag, 29 december 2025

Zaakgegevens

Op 29 december 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
29 december 2025
Datum publicatie
30 december 2025
Zaaknummer
NL25.33549
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:25506
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

BNT, asiel, eerder beroep ingesteld, beroep niet-ontvankelijk

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.33549


uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. H.E. Visscher),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft op 23 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag.

Overwegingen

1. De rechtbank stelt vast dat eiser reeds op 18 juli 2025 beroep heeft ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag (kenmerk: NL25.32811). Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank dat beroep kennelijk gegrond verklaard.

2. Nu eiser twee keer een beroep heeft ingediend tegen het niet tijdig nemen van een besluit en de rechtbank op één van de beroepen reeds uitspraak heeft gedaan, is het onderhavige beroep kennelijk niet-ontvankelijk.

3. Verweerder zal niet opnieuw worden veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan op 29 december 2025 door mr. M.J. Schouw, rechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.