Strafrecht overig
Wraking. Verzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Verzoek ingediend nadat al einduitspraak was gedaan.
ECLI:NL:RBDHA:2023:17753 · Rechtbank Den Haag · 13 januari 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/wraking/ecli-nl-rbdha-2023-17753
Zaakgegevens
Op 13 januari 2023 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 13 januari 2023
- Datum publicatie
- 20 november 2023
- Zaaknummer
- C/09/640897/KG RK 23-28
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:17753
Samenvatting
Wraking. Verzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Verzoek ingediend nadat al einduitspraak was gedaan.
Uitspraak
Inhoudsopgave
Rechtbank den haag
Wrakingskamer
wrakingnummer 2022/104
zaak- /rekestnummer: C/09/640897 / KG RK 23-28
Beslissing van 13 januari 2023
van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoeker,
bijgestaan door mr. W.B.O. van Soest, advocaat te Rotterdam,
strekkende tot de wraking van
mr. F.C. Berg,
rechter in deze rechtbank,
hierna te noemen: de rechter.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het schriftelijke wrakingsverzoek, binnengekomen op de griffie op 29 december 2022.
2 Het wrakingsverzoek
Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak met parketnummer 09/184142-22 tegen verzoeker als verdachte (hierna: de hoofdzaak). In de hoofdzaak is op 28 december 2022 door de rechter einduitspraak gedaan.
Verzoeker heeft blijkens het schriftelijke verzoek aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat uit het vonnis van 28 december 2022 blijkt dat de rechter de verdediging niet serieus heeft genomen, omdat in het vonnis niet is ingegaan op alle verweren die zijn gevoerd. Volgens verzoeker druipt de partijdigheid van het vonnis af.
3 De beoordeling
Het verzoek is gedaan nadat de rechter in de hoofdzaak einduitspraak heeft gedaan. Daarmee is de (hoofd)zaak afgedaan. De wet voorziet niet in de mogelijkheid van wraking nadat einduitspraak is gedaan. Om die reden kan verzoeker niet in het wrakingsverzoek worden ontvangen. Voor een behandeling van het verzoek ter terechtzitting bestaat geen reden. Het in de wet opgenomen recht op een mondelinge behandeling is door de wetgever bedoeld voor het debat over de gegrondheid van het verzoek, maar aan dat debat wordt gezien het vorenstaande niet toegekomen.
4 De beslissing
De wrakingskamer
verklaart het verzoek niet-ontvankelijk;
beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 515, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegezonden aan:
-
verzoeker;
-
de officier van justitie;
-
de rechter.
Deze beslissing is gegeven door mrs. M.J. Alt-van Endt, S.M. Krans en J. Brandt, in tegenwoordigheid van de griffier mr. I. Diephuis-Timmer en in het openbaar uitgesproken op 13 januari 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.