Strafrecht overig
De rechtbank is van oordeel dat de door het openbaar ministerie ingediende vordering tot ontneming van het…
Rechtbank Gelderland, 1 oktober 2013
ECLI:NL:RBGEL:2013:3561 · Rechtbank Gelderland · 1 oktober 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbgel-2013-3561
Zaakgegevens
Op 1 oktober 2013 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Zutphen
- Datum uitspraak
- 1 oktober 2013
- Datum publicatie
- 1 oktober 2013
- Zaaknummer
- 06/950747-12 (ontneming)
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2013:3561
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De rechtbank is van oordeel dat de door het openbaar ministerie ingediende vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel dient te worden afgewezen, aangezien verdachte bij vonnis van heden integraal is vrijgesproken van het hem ten laste gelegde.
Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Meervoudige strafkamer
Parketnummer: 06/950747-12 (ontneming)
Uitspraak d.d.: 1 oktober 2013
Tegenspraak
VONNIS
De rechtbank heeft te beslissen op de vordering van de officier van justitie, strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [1987],
wonende te [woonplaats], [adres].
Raadsman: mr. P.J.J. Engbertsen, advocaat te [geboorteplaats].
Onderzoek van de zaak
Deze beslissing is genomen naar aanleiding van de in het openbaar gehouden terechtzitting van 17 september 2013, waarbij Hogenkamp, diens raadsman en de officier van justitie zijn gehoord.
Procesgang
Bij vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken in deze rechtbank van 1 oktober 2013 is Hogenkamp vrijgesproken van de hem ten laste gelegde feiten.
Vordering van het Openbaar Ministerie
De vordering van het Openbaar Ministerie houdt in dat aan verdachte als wederrechtelijk verkregen voordeel zal worden ontnomen een bedrag van € 140.556,15.
Ter terechtzitting heeft de officier van justitie tot afwijzing van de vordering geconcludeerd aangezien Hogenkamp dient te worden vrijgesproken van de hem ten laste gelegde feiten.
Standpunt van de verdediging
Namens Hogenkamp is aangevoerd dat de vordering dient te worden afgewezen, nu hij integraal dient te worden vrijgesproken van de hem ten laste gelegde feiten.
Beoordeling van vordering
De rechtbank is van oordeel dat de door het openbaar ministerie ingediende vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel aan de zijde van Hogenkamp dient te worden afgewezen, aangezien hij bij vonnis van heden, parketnummer 05/720226-13, integraal is vrijgesproken van het hem ten laste gelegde.
Beslissing
De rechtbank beslist als volgt:
? wijst de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel af.
Aldus gewezen door mrs. Vos voorzitter, Bögemann en Steinebach, rechters, in tegenwoordigheid van Vriezekolk, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 1 oktober 2013.