Strafrecht overig

Man veroordeeld voor meerdere bedreigingen en diefstal De rechtbank veroordeelt een 29-jarige man tot een…

Rechtbank Gelderland, 20 april 2023

Zaakgegevens

Op 20 april 2023 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Zutphen
Datum uitspraak
20 april 2023
Datum publicatie
20 april 2023
Zaaknummer
05-180529-20
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2023:2260
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Man veroordeeld voor meerdere bedreigingen en diefstal

De rechtbank veroordeelt een 29-jarige man tot een taakstraf van 30 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met bijzondere voorwaarden. De man maakt zich schuldig aan een diefstal uit een supermarkt, het beledigen van een boa en andere dreigingen. De rechtbank spreekt de man vrij van bankpasfraude wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummer: 05.180529.20

Datum uitspraak : 20 april 2023

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1994 in Doetinchem,

op dit moment gedetineerd in de P.I. Zwolle.

Raadsvrouw: mr. M.G. Bischop, advocaat in Deventer.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 6 april 2023.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 13 september 2019 te Doetinchem, althans in Nederland, een computerwachtwoord, toegangscode en/of daarmee vergelijkbaar gegeven, waardoor toegang kon worden gekregen tot een (deel van een) geautomatiseerd werk heeft verkocht, verworven, verspreid en/of anderszins ter beschikking heeft gesteld en/of voorhanden heeft gehad, met het oogmerk dat daarmee een misdrijf als bedoeld in artikel 138ab, tweede of derde lid Wetboek van strafrecht werd gepleegd, door het ter beschikking stellen van zijn bankrekening(nummer) en/of bijbehorende pinpas met bijbehorende (pin)code aan een of meer onbekend gebleven personen;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 13 september 2019, te Doetinchem, althans in Nederland, van een voorwerp, te weten een geldbedrag van in totaal ongeveer €10.023,22 euro, de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld

terwijl hij wist dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

2 Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie en de verdediging

De officier van justitie en de verdediging hebben integrale vrijspraak bepleit.

De beoordeling door de rechtbank

Uit het dossier volgt dat aangifte is gedaan van onder meer computervredebreuk met betrekking tot de bankrekeningen van [slachtoffer] en een aantal van zijn bedrijven. Er werden verschillende bedragen afgeschreven. Een bedrag van totaal € 10.023,22 kwam op de bankrekening van verdachte terecht. Het dossier bevat echter onvoldoende informatie om vast te stellen dat verdachte zijn bankrekening(nummer) en/of zijn pinpas met bijbehorende pincode ter beschikking heeft gesteld ten behoeve van deze computervredebreuk. Ook bevat het dossier onvoldoende informatie dat verdachte wetenschap had van het feit dat voormeld bedrag op zijn bankrekening is gestort. De rechtbank spreekt verdachte daarom vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit.

3 De beoordeling van de civiele vordering

De benadeelde partij de Coöperatieve Rabobank U.A. heeft in verband met het ten laste gelegde feit een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 8.229,50 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.

Standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij moet worden afgewezen, nu zij vrijspraak heeft gevorderd.

De verdediging heeft verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te verklaren, omdat zij vrijspraak heeft bepleit.

Overweging van de rechtbank

Verdachte is vrijgesproken. Daarom zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard.

4 De beslissing

De rechtbank:

? spreekt verdachte vrij van het primair en subsidiair ten laste gelegde feit;

? verklaart de benadeelde partij de Coöperatieve Rabobank U.A. niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.P.T. Blokhuis (voorzitter), mr. Y.M.J.I. Baauw en mr. T.C. Henniphof, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. Schoen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 20 april 2023.

mr. T.J. Schoen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.