Strafrecht overig

Vijftal militairen vrijgesproken van handel in drugs.

Rechtbank Gelderland, 15 juli 2024

Zaakgegevens

Op 15 juli 2024 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
15 juli 2024
Datum publicatie
17 juli 2024
Zaaknummer
05-049736-23
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2024:4580
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vijftal militairen vrijgesproken van handel in drugs.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05/049736-23

Datum uitspraak : 15 juli 2024

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige militaire kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1994 in [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] , [postcode] [woonplaats] .

Raadsman: mr. S.M. Diekstra, advocaat in Leiden.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 18 december 2019 tot en met 10 november 2022 te Woerden, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of MDMA (zogenoemde XTC-tablet(ten), zijnde cocaïne en/of MDMA (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

2.
hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 26 november 2021 tot en met 10 november 2022 te Woerden, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een hoeveelheid van een materiaal bevattende 3-MMC en/of hennep, zijnde 3-MMC en/of hennep, zijnde een middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet.

2 De standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden, waarbij geldt dat de pleegperiode voor wat betreft feit 2 korter is dan ten laste is gelegd, en heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een taakstraf van 80 uren voor feit 1 en een geldboete van € 250,00 voor feit 2.

De verdediging heeft voor vrijspraak gepleit.

3 Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Aanleiding onderzoek

Op 27 maart 2022 is [medeverdachte] door de politie op Curaçao aangehouden op grond van de verdenking van het voorhanden hebben van en dealen in harddrugs. Hierop is een onderzoek ingesteld naar de gegevens op de inbeslaggenomen mobiele telefoon van deze medeverdachte. Naar aanleiding van de resultaten hiervan kwamen meerdere militairen, waaronder verdachte, in beeld in verband met het mogelijk verstrekken dan wel voorhanden hebben van (hard)drug en is een breder onderzoek opgestart.

Vrijspraak

Aan verdachte is – kortgezegd – ten laste gelegd dat hij opzettelijk cocaïne, MDMA (XTC-tabletten), 3-MMC en hennep heeft verstrekt of in elk geval aanwezig heeft gehad en dat daarbij sprake was van medeplegen.

De militaire kamer overweegt dat het enkele feit dat verdachte WhatsApp-gesprekken heeft gevoerd over bepaalde soorten drugs en heeft verklaard dat hij wel eens XTC heeft gebruikt, onvoldoende is om tot een bewezenverklaring te komen. Het dossier bevat onvoldoende bewijs waaruit blijkt dat verdachte in de tenlastegelegde periode (hard)drugs voorhanden heeft gehad. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken.

4 De beslissing

De militaire kamer spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde.

Dit vonnis is gewezen door mr. Y. van Wezel (voorzitter), mr. R.M.H. Pennings, rechters, en Kapitein-ter-Zee (LD) mr. F.E. Venema, militair lid, in tegenwoordigheid van mr. S. Benbouazza, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 15 juli 2024.

mr. S. Benbouazza is buiten staat

dit vonnis mede te ondertekenen