Strafrecht overig
De rechtbank heeft de terbeschikkingstelling van een 58-jarige man verlengt met 2 jaren.
Rechtbank Gelderland, 16 juni 2025
ECLI:NL:RBGEL:2025:11644 · Rechtbank Gelderland · 16 juni 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbgel-2025-11644
Zaakgegevens
Op 16 juni 2025 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 juni 2025
- Datum publicatie
- 19 januari 2026
- Zaaknummer
- 080191-04
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2025:11644
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De rechtbank heeft de terbeschikkingstelling van een 58-jarige man verlengt met 2 jaren.
Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummer: 06-080191-04
Datum uitspraak: 16 juni 2025
Beslissing van de meervoudige kamer als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[betrokkene] (hierna: betrokkene)
geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats],
thans verblijvende te [kliniek 1] in [plaats] (hierna: de kliniek)
raadsman: mr. A.R. Ytsma, advocaat te Amsterdam
Procedure
Betrokkene is op 15 maart 2005 bij vonnis van de rechtbank Zutphen veroordeeld tot 10 jaren gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege. Deze maatregel is ingegaan op 8 juni 2009 en het laatst verlengd bij beslissing van de rechtbank van 2 juni 2023.
Bij vordering van 23 april 2025, ingekomen op diezelfde datum, heeft de officier van justitie gevorderd dat deze maatregel wordt verlengd voor de duur van twee jaren.
De rechtbank heeft verder kennis genomen van de volgende processtukken:
-
het adviesrapport van de kliniek van 14 januari 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege te verlengen met twee jaren;
-
een aanvullend verlengingsadvies van 21 februari 2025;
-
een afschrift van de wettelijke aantekeningen.
Ter zitting van 2 juni 2025 zijn gehoord:
-
betrokkene;
-
zijn raadsman;
-
de deskundige G.G.E. Giesbers, behandelcoördinator;
-
de officier van justitie, mr. J.F. Menke.
De standpunten
De officier van justitie heeft ter zitting de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar gehandhaafd, nu aan de voorwaarden voor verlenging is voldaan. Zij heeft aangevoerd dat de dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen en goederen de verlenging van de maatregel vereisen.
De raadsman van betrokkene heeft zich niet verzet tegen verlenging van de terbeschikkingstelling. Betrokkene zou uiteindelijk graag zou willen doorstromen naar een Longcare afdeling en de raadsman meent dat er ingezet moet worden op de kwaliteit van leven binnen de kliniek. De raadsman heeft aangegeven dat er momenteel een procedure bij de RSJ loopt om betrokkene terug te laten plaatsen naar de [kliniek 2].
De beoordeling
Indexdelict
De terbeschikkingstelling is opgelegd vanwege verkrachting, het plegen van ontuchtige handelingen met iemand jonger dan zestien jaren en (poging tot) wederrechtelijke vrijheidsberoving.
Dat betekent dat de maatregel is opgelegd in verband met een misdrijf dat gericht was tegen of gevaar veroorzaakte voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
De maatregel is dus niet gemaximeerd.
Stoornis
Uit het rapport van de kliniek blijkt dat betrokkene lijdt aan een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale en borderline trekken, een autismespectrumstoornis, een lichte stoornis in alcoholgebruik en problemen verband houdend met justitiële maatregelen.
De stoornissen zijn nog altijd aanwezig.
Verloop van de maatregel
Betrokkene verblijft sinds 2023 in de LFPZ nadat geconcludeerd wordt dat behandeling voor de kernproblematiek van betrokkene en het beïnvloeden van het delictrisico onvoldoende resultaat oplevert. Om de risico’s voldoende te kunnen beheersen en de maatschappij te kunnen beschermen blijft extern risicomanagement noodzakelijk. De kliniek ziet op dit moment geen op verandering gerichte behandelmogelijkheden of enige vorm van door- of uitstroom. Er wordt daarom ingezet op het verstevigen van de samenwerking, meer inzicht te krijgen in betrokkene en onderzoeken of begeleid verlof veilig vormgegeven kan worden. Op dit moment wordt de hoog beveiligde instelling waarin betrokkene verblijft en daarbij toezicht, begeleiding en sturing geboden krijgt, als meest passend gezien. Naar inschatting van de kliniek zal betrokkene hier ook langdurig op aangewezen blijven.
Recidivegevaar
Indien de tbs-maatregel of het toezicht beëindigd wordt en betrokkene zonder het externe toezicht, structuur, begeleiding en controle in de maatschappij zou verblijven wordt het recidiverisico als hoog ingeschat. Betrokkene zal niet in staat zijn om zich maatschappelijk in te bedden en vanuit zijn beperkte copingvaardigheden zal hij snel frustraties oplopen.
Hieruit blijkt dat de kans op herhaling bij onmiddellijke beëindiging van de terbeschikkingstelling onverminderd groot is.
Conclusie
De rechtbank overweegt dat de risicobepalende stoornissen nog altijd aanwezig zijn en dat de
risico's op recidive onverminderd hoog zijn bij beëindiging van de maatregel.
Verder overweegt de rechtbank dat de maatregel is opgelegd in verband met een veroordeling voor een misdrijf dat gericht was tegen of gevaar veroorzaakte voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een ander. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel vereisen.
Betrokkene verblijft sinds 2023 op de LFPZ-afdeling. Jarenlange behandelpogingen gericht op risicofactoren en het verkrijgen van inzicht in zijn seksualiteit hebben onvoldoende effect gehad. In de komende periode wordt onderzocht of extern risicomanagement kan worden ingericht om het begeleid verlof op verantwoorde wijze vorm te geven. Daaronder valt ook het accepteren van de LFPZ-status. De maatregel zal dan ook worden verlengd met een periode van twee jaren.
De beslissing
De rechtbank:
- verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met twee jaren.
|
Deze beslissing is gegeven door mr. M.S. de Vries, als voorzitter, mr. Y.M.J.I. Baauw en mr. J.M.J.M. Doon, als rechters in tegenwoordigheid van mr. N.D. van Egdom, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 16 juni 2025. |
||