Strafrecht overig
Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Gelderland, 9 juni 2026
ECLI:NL:RBGEL:2026:4968 · Rechtbank Gelderland · 9 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbgel-2026-4968
Zaakgegevens
Op 9 juni 2026 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 juni 2026
- Datum publicatie
- 23 juni 2026
- Zaaknummer
- 192688-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2026:4968
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Tussenvonnis.
Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummer: 05.192688.25
Datum uitspraak : 9 juni 2026
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1959 te [geboorteplaats] (Bondsrepubliek Duitsland),
wonende aan de [adres], [postcode] in [woonplaats].
Raadsvrouw: P.C. Borkhuis, advocaat in Deventer.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 26 mei 2026.
1 De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
1
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 16 mei 2024 tot en met 30 juni 2024 te Apeldoorn, althans in Nederland, met [slachtoffer], van wie hij, verdachte, wist dat deze aan een zodanige psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening en/of verstandelijke handicap leed dat deze niet of onvolkomen in staat was zijn wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden, een of meer handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], te weten
- het brengen en/of bewegen van zijn, verdachtes, penis in de mond van die [slachtoffer] en/of
- het brengen en/of bewegen van zijn, verdachtes, penis in de anus en/of tussen de billen van die [slachtoffer] en/of
- het over en/of onder de kleding betasten van de penis en/of schaamstreek, althans het lichaam van die [slachtoffer] en/of
- zich over en/of onder de kleding laten betasten van zijn, verdachtes, penis en/of schaamstreek, althans het lichaam van verdachte door die [slachtoffer];
2
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juli 2024 tot en met 20 november 2024 te Apeldoorn, althans in Nederland, met een persoon, te weten [slachtoffer], van wie hij, verdachte, wist dat deze aan een zodanige psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening en/of verstandelijke handicap leed dat deze niet of onvolkomen in staat was zijn wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden, een of meer seksuele handelingen, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten
- het brengen en/of bewegen van zijn, verdachtes, penis in de mond van die [slachtoffer] en/of
- het brengen en/of bewegen van zijn, verdachtes, penis in de anus en/of tussen de billen van die [slachtoffer] en/of
- het over en/of onder de kleding betasten van de penis en/of schaamstreek, althans het lichaam van die [slachtoffer] en/of
- zich over en/of onder de kleding laten betasten van zijn, verdachtes, penis en/of schaamstreek, althans het lichaam van verdachte door die [slachtoffer],
terwijl hij, verdachte, wist, althans ernstige reden had om te vermoeden dat bij die [slachtoffer] daartoe de wil ontbrak.
2 Heropening onderzoek
Tijdens de beraadslaging is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest.
De rechtbank acht zich onvoldoende voorgelicht, zal het onderzoek heropenen en de zaak verwijzen naar de rechter-commissaris, om te doen zoals hierna omschreven.
3 De beslissing
De rechtbank:
Heropent het onderzoek en schorst dit voor onbepaalde tijd;
Stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken opdat:
1) Door de rechter-commissaris wordt onderzocht (eventueel na advies of in overleg met de zedenrechercheurs en/of deskundige(n)) en beslist of en, zo ja onder welke omstandigheden, [slachtoffer] kan worden gehoord over het tenlastegelegde.
2) De rechter-commissaris, indien mogelijk, [slachtoffer] hoort of laat horen.
3) De rechter-commissaris, indien het horen van [slachtoffer] niet mogelijk blijkt of de rechter-commissaris dit anderszins nodig acht, aangeefster [aangever] hoort over de wijze waarop het gesprek met [slachtoffer] , waarover zij in de aangifte verklaart, heeft plaatsgevonden. Hierbij is in elk geval relevant welke vragen zij heeft gesteld en met welke bewoordingen zij met [slachtoffer] heeft gesproken over de tenlastegelegde feiten en welke bewoordingen [slachtoffer] daarbij heeft gebruikt, gelet op het zeer beperkte inzicht van [slachtoffer] op seksueel gebied blijkens de toelichting van de GZ-psycholoog (als bijlage bij de aangifte en – met naam ondertekend – als bijlage bij de vordering van de benadeelde partij).
Draagt de officier van justitie op de auditieve opname van het verhoor van verdachte bij de politie van 17 april 2025 aan het dossier toe te voegen (geregistreerd onder nummer VRH-2025-04-701212);
Beveelt de oproeping van verdachte en zijn raadsman voor de nadere terechtzitting met kennisgeving daarvan aan de benadeelde partij.
|
Dit tussenvonnis is gewezen door mr. E.H.T. Rademaker (voorzitter), mr. J.S.W. Lucassen en mr. W.H.S. Duinkerke, in tegenwoordigheid van mr. M.I. Tuk, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 9 juni 2026. |
||