Strafrecht overig

Bewezenverklaring van het (opzettelijk) voorhanden hebben van meerdere (vuur)wapens, een grote hoeveelheid…

Rechtbank Limburg, 6 september 2024

Zaakgegevens

Op 6 september 2024 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Roermond
Datum uitspraak
6 september 2024
Datum publicatie
27 maart 2025
Zaaknummer
03/307873-22
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2024:10297
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Bewezenverklaring van het (opzettelijk) voorhanden hebben van meerdere (vuur)wapens, een grote hoeveelheid munitie en professioneel vuurwerk en het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne. Vrijspraak van het onder feit 2 van parketnummer 03/307873-22 ten laste gelegde dwang (primair) en bedreiging (subsidiair). Artikel 1.2.2., derde lid, Vuurwerkbesluit is als systematische specialis ten opzichte van het eerste lid te beschouwen, waardoor OVAR volgt ten aanzien van het onder feit 4 van parketnummer 03/307873-22 tenlastegelegde eerste lid. De rechtbank komt tot oplegging van een gevangenisstraf van 24 maanden.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummers : 03/307873-22 en 03/037489-24 (ter terechtzitting gevoegd)

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 6 september 2024

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortedatum] 1989,

wonende te [adres 1] ,

thans gedetineerd in [adres PI] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. G.J.J.G. Stevens-Waltmans, advocaat kantoorhoudende te Roermond.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 23 augustus 2024. De verdachte en zijn raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

2 De tenlastelegging

De (gewijzigde) tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:

03/307873-22

Feit 1: een of meer (vuur)wapens van categorie II, onder 3 en/of III, onder 1 en munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (WWM) voorhanden heeft gehad;

Feit 2: [slachtoffer] door (bedreiging met) geweld of enige andere feitelijkheid wederrechtelijk heeft gedwongen om een of meer zakken met daarin een of meer (vuur)wapens, munitie en/of verdovende middelen mee te nemen (primair) dan wel dat hij hem heeft bedreigd (subsidiair);

Feit 3: een of meer wapens van categorie I, onder 1 en/of 3 van de WWM voorhanden heeft

gehad;

Feit 4: opzettelijk professioneel vuurwerk, te weten 16 (flash)bangers voorhanden heeft
gehad;

03/037489-24

Feit 1: een revolver (categorie III, onder 1 van de WWM) voorhanden heeft gehad;

Feit 2: 182 kogelpatronen (categorie III van de WWM) voorhanden heeft gehad;

Feit 3: opzettelijk 3,7 gram cocaïne aanwezig heeft gehad.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ten aanzien van parketnummer 03/307873-22 gerekwireerd tot bewezenverklaring van feit 1, 3 en 4, met dien verstande dat de onder 1. tenlastegelegde “Riotgun” moet worden gekwalificeerd als een vuurwapen van categorie III onder 1 van de WWM en dat de verdachte moet worden vrijgesproken van de onder 1. tenlastegelegde 53 hagelpatronen van onbekend kaliber (goednummers 1559778 en 1559781).

De officier van justitie heeft zich daarnaast op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden vrijgesproken van feit 2, nu overtuigend bewijs daarvoor ontbreekt.

Ten aanzien van parketnummer 03/037489-24 heeft de officier van justitie gerekwireerd tot bewezenverklaring van alle hierboven weergegeven tenlastegelegde feiten.

3.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van de onder 1. en 2. van parketnummer 03/307873-22 en onder 1. van parketnummer 03/037489-24 tenlastegelegde feiten.

Voor feit 1 van parketnummer 03/307873-22 heeft zij daartoe aangevoerd dat de verdachte de wapens onder druk van een ander in zijn woning moest bewaren en hij dus daarover geen zeggenschap en beschikkingsmacht had. De raadsvrouw heeft daarnaast aangevoerd dat het vuurwapen, model Walther, kapot was en het derhalve niet kan worden gecategoriseerd als een wapen van categorie III onder 1.

Voor feit 2 van parketnummer 03/307873-22 heeft de raadsvrouw betoogd dat wettig en overtuigend bewijs ontbreekt.

Voor feit 1 van parketnummer 03/037489-24 heeft de raadsvrouw eveneens aangevoerd dat de verdachte geen zeggenschap en beschikkingsmacht had over de aangetroffen revolver en munitie.

3.3

Het oordeel van de rechtbank

03/307873-22

3.3.1

Vrijspraakoverweging feit 2

De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat de verklaring van [slachtoffer] dat hij door de verdachte werd bedreigd en dat hij werd gedwongen om de drugs, wapens en munitie in zijn loods op te slaan, niet (langer) ondersteund wordt door enig ander bewijsmiddel in het dossier. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van het primair en subsidiair tenlastegelegde, wegens gebrek aan overtuigend bewijs.

3.3.2

Bewijsmiddelen en -overwegingen feit 1

Verbalisant [naam verbalisant] heeft over de doorzoeking in de woning aan de [adres 2] te Roermond – zakelijk weergegeven – onder meer het volgende gerelateerd:

Op 25 november 2022 te 06:30 uur werd de doorzoeking van de woning aan de [adres 2] te Roermond geopend. Zie de bijgevoegde goederenlijst voor een overzicht van de inbeslaggenomen goederen.

In de woning van de verdachte werden in een voorraadkast (onder de trap) en in een dressoir in de woonkamer de hieronder weergegeven (vuur)wapens en munitie aangetroffen. Door de Forensische Opsporing werd een onderzoek ingesteld naar deze op de Dokter Bärstraat te Roermond inbeslaggenomen (vuur)wapens en munitie. Hieruit is het volgende naar voren gekomen:

Wapen/munitie

Goednummer

SIN

Beschrijving

Resultaat onderzoek

Enkelloops hagelgeweer van het merk Winchester, model 1300 Defender, kaliber 12 Gauge

1559721

AAKD2166NL

Dit vuurwapen is een zogenaamde Riotgun.

Vuurwapen van categorie II sub 3 van de Wet wapens en munitie (pg. 838).

Semi-automatisch pistool van het merk Umarex, model Walther P22 in het kaliber 6.35 millimeter Browning

1559719

AAKD2171NL

Vuurwapen van categorie III sub 1 van de Wet wapens en munitie (pg. 839).

Semi-automatisch pistool van het merk Mauser, model Compact DA in het kaliber 9 millimeter Parabellum

1559715

AAKD2127NL

Vuurwapen van categorie III sub 1 van de Wet wapens en munitie (pg. 840).

67 hagelpatronen in het kaliber 12 Gauge

1559756

AAKD2130NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 840)

49 hagelpatronen in het kaliber 12 Gauge

1556738

AAKD2132NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 841)

8 hagelpatronen in het kaliber 12 Gauge

1559735

AAKD2129NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 841)

51 kogelpatronen in het kaliber 9 millimeter Luger en .22 long rifle

1559740

AAKD2133NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 841)

41 kogelpatronen in het kaliber 9 millimeter Luger

1559725

AAKD2165NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 842)

50 kogelpatronen in het kaliber 7.65 millimeter Browning

1559730

AAKD2128NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie (pg. 842)

Er werd een forensisch onderzoek verricht naar de biologische sporen aan de aangetroffen vuurwapens (SIN AAKD2166NL, AAKD2171NL en AAKD2127NL). Van voornoemde wapens werden diverse sporendragers veiliggesteld, waaronder:

  • SIN AAOX5415NL en AAOX5417NL, afkomstig van AAKD2166NL (hagelgeweer);

  • SIN AAOX5413NL, afkomstig van AAKD2171NL (pistool);

  • SIN AAOX5408NL, AAOX5411NL en AAOX5412NL, afkomstig van AAKD2127NL (pistool).

Het TMFI (The Maastricht Forensic Institute) heeft het DNA-profiel van de verdachte vergeleken met (onder meer) de voornoemde sporendragers. Daarbij is vastgesteld dat van de verdachte DNA-celmateriaal werd aangetroffen op alle wapens afkomstig uit de woning gelegen aan de [adres 2] te Roermond.

De verdachte heeft – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:

Ik woon alleen op de [adres 2] te Roermond. Ik heb de vuurwapens onder dwang in bewaring genomen. Het was een shotgun, een klein wapen (Walther) en een 9mm. Er zat veel munitie bij.

Wetenschap en machtssfeer

De rechtbank stelt op basis van voornoemde bewijsmiddelen vast dat op 25 november 2022 in de woning aan de [adres 2] te Roermond, waar de verdachte op dat moment woonachtig was, vuurwapens en munitie zijn aangetroffen.

Als uitgangspunt heeft te gelden dat een bewoner weet welke voorwerpen zich in zijn of haar woning bevinden en dat hetgeen zich daar bevindt, zich ook in zijn of haar machtssfeer bevindt. Uit de verklaring van de verdachte volgt dat hij de enige bewoner was van de [adres 2] te Roermond. De vuurwapens en munitie werden – voor een ieder zichtbaar – in een dressoir in de woonkamer en in een voorraadkast aangetroffen. Op de vuurwapens werd DNA van de verdachte aangetroffen. Ook leidt de rechtbank uit de eigen verklaring van de verdachte af dat hij wist dat er (en ook specifiek welke) wapens en munitie in zijn woning lagen. De verdachte heeft weliswaar verklaard dat hij de vuurwapens en munitie onder dwang van een ander in zijn woning heeft opgeslagen, maar deze verklaring vindt geen steun in het dossier. Gelet op deze omstandigheden is de rechtbank dan ook van oordeel dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de vuurwapens en munitie en dat deze zich ook in zijn machtssfeer bevonden.

“Riotgun”

De rechtbank zal voor wat betreft de kwalificatie van de “Riotgun” – anders dan de officier van justitie – uitgaan van de bevindingen van de wapendeskundige van het Team Forensische Opsporing van de politie, zoals opgenomen in het hiervoor vermelde proces-verbaal van 20 december 2022. Op basis daarvan acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat het enkelloops hagelgeweer (“Riotgun”) een vuurwapen betreft van categorie II sub 3 van de WWM.

Vuurwapen van het model Walther

De rechtbank is van oordeel dat op basis van het dossier kan worden vastgesteld dat het vuurwapen van het model Walther naar zijn aard bestemd was om als vuurwapen te dienen. Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat het enkele feit dat het genoemde vuurwapen van een nieuwe patroonhouder moest worden voorzien, niet maakt dat het niet kan worden aangemerkt als een vuurwapen in de zin van categorie III sub 1 van de WWM.

Hagelpatronen van onbekend kaliber

De rechtbank is ten slotte met de officier van justitie van oordeel dat de verdachte moet worden vrijgesproken van de (onder het laatste gedachtestreepje) tenlastegelegde 53 hagelpatronen van onbekend kaliber (goednummers 1559778 en 1559781), nu op basis van het dossier niet kan worden vastgesteld tot welke categorie munitie in de zin van de WWM deze behoren.

Conclusie

De rechtbank acht feit 1 wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat de verdachte zal worden vrijgesproken van de 53 hagelpatronen van onbekend kaliber (laatste gedachtestreepje).

3.3.3

Feit 3 en 4: (opzettelijk) voorhanden hebben wapens en professioneel vuurwerk

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het voorhanden hebben van wapens van categorie I sub 1 en 3 van de Wet wapens en munitie en het opzettelijk voorhanden hebben van professioneel vuurwerk. De rechtbank zal, omdat de verdachte deze feiten heeft bekend en namens hem geen vrijspraak is bepleit, volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen, te weten:

Feit 3

  • de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting van 23 augustus 2024;

  • het proces-verbaal van bevindingen doorzoeking;

- het proces-verbaal van onderzoek wapens;

- de kennisgevingen van inbeslagneming;

Feit 4

  • de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting van 23 augustus 2024;

  • het proces-verbaal van bevindingen doorzoeking;

- het proces-verbaal van onderzoek aan inbeslaggenomen vuurwerk;

- de kennisgevingen van inbeslagneming.

03/037489-24

3.3.4

Bewijsmiddelen en – overwegingen feit 1 en feit 2

De politie heeft over de doorzoeking in de woning aan de [adres 3] te Eindhoven – zakelijk weergegeven – onder meer het volgende gerelateerd:

Naar aanleiding van een eerder opgenomen aangifte van bedreiging hebben wij

op 29 januari 2024 een zoeking verricht ingevolge artikel 49 van de Wet wapens en munitie in een woning, gelegen aan de [adres 3] te Eindhoven.

Dit betrof de woning van [verdachte] , geboren op 16 juni 1989 te Weert. Verdachte [verdachte] werd bij binnenkomst aangetroffen, waarna hij werd aangehouden.

Wij zijn begonnen met de doorzoeking op grond van de Wet Wapens en Munitie in de kamer van de verdachte. Ik opende de deur van de kamer welke door de verdachte werd aangewezen als zijnde zijn slaapkamer. Vanuit de deuropening zag ik dat er in de rechterhoek van de kamer een zwarte rugzak stond. Ik opende de rugzak en zag dat er twee vuilniszakken in de rugzak zaten. Nadat ik de knoop van één van de vuilniszakken openmaakte trof ik een zilverkleurig voorwerp aan met een houten handvat. Dit betrof een op een vuurwapen lijkend voorwerp. Nadien opende ik de tweede vuilniszak. Ik zag dat er in deze vuilniszak tientallen voorwerpen zaten die ik herkende als munitie van een vuurwapen. Ik zag dat deze munitie in een doorzichtige sealbag zat.

Ik zag dat er op het bed een lege huls lag. Ik doorzocht de kast. Ik zag boven op een stapel kleding een witte juten tas waarin ik een bruin gekleurd doosje zag. Wij zagen dat het doosje met ducttape verzegeld was. Wij zagen dat op de opdruk van dit doosje stond dat dit doosje bestemd was voor de verpakking van volmantel centraalvuurpatronen van het kaliber 357 MAGNUM. Ik zag in de juten tas ook een transparant zakje met losse patronen. Ik vermoedde dat dit patronen betrof voor een shotgun.

Ter plaatse hebben wij het vuurwapen en aanwezig munitie, veilig gesteld en in beslag genomen.

Door de Forensische Opsporing werd een onderzoek ingesteld naar de op de onder de verdachte op de [adres 3] te Eindhoven inbeslaggenomen (vuur)wapens en munitie. Hieruit is het volgende naar voren gekomen:

Wapen

Goednummer

SIN

Resultaat onderzoek

Revolver van de Amerikaanse wapenfabrikant Smith & Wesson, model 19-3 in het kaliber .357 magnum.

2163639

AARE5384NL

Vuurwapen van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

44 centraalvuur kogelpatronen in het kaliber 357 magnum

2163640

AARE5388NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie.

58 centraalvuur kogelpatronen in het kaliber 357 magnum

2163641

AARE5387NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie.

36 centraalvuur kogelpatronen in het kaliber 357 magnum

2163643

AARE5386NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie.

44 centraalvuur kogelpatronen in het kaliber 357 magnum

2163645

AARE5383NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie.

6 Brenneke patronen van het kaliber 20

2163644

AARE5385NL

Munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie.

De revolver (SIN AARE5384NL) werd bemonsterd op de trekker (SIN AAQQ2066NL), de ruwe delen (SIN AAQQ2067NL) en de randen onder beide greepplaten (AAQQ2068NL). Deze bemonsteringen werden naar het TMFI (The Maastricht Forensic Institute) verzonden voor het genereren en vergelijken van DNA-profielen.

Het TMFI heeft het DNA-profiel van de verdachte vergeleken met bovengenoemde sporendragers met SIN AAQQ2066NL, AAQQ2067NL en AAQQ2068NL. Daarbij werd een enkelvoudig DNA-profiel verkregen dat overeenkomt met het DNA-profiel van de verdachte [verdachte] , met een bewijskracht van meer dan één miljard.

Bewijsoverweging

De rechtbank stelt op basis van voornoemde bewijsmiddelen vast dat op 29 januari 2024 in de woning aan de [adres 3] te Eindhoven, waar de verdachte op dat moment woonachtig was, een vuurwapen – te weten een revolver – en munitie is aangetroffen.

Als uitgangspunt heeft te gelden dat een bewoner weet welke voorwerpen zich in zijn woning bevinden en dat hetgeen zich daar bevindt, zich ook in zijn machtssfeer bevindt. De revolver en de munitie werden in een kamer, door de verdachte aangewezen als zijn slaapkamer, aangetroffen. Op de revolver werd DNA van de verdachte aangetroffen. Een groot deel van de munitie werd bovendien in dezelfde rugzak als waarin ook de revolver zat, aangetroffen.

De verdachte heeft verklaard dat hij werd bedreigd en dat zijn kamergenoot heeft ingebroken in zijn kamer, waardoor zijn kamer voor iedereen toegankelijk was. Deze verklaring vindt echter geen steun in het dossier. Dat de verdachte niet wist dat er een revolver in zijn slaapkamer lag acht de rechtbank bovendien ongeloofwaardig, nu het DNA van de verdachte op meerdere plekken op de revolver, zoals op de trekker, de ruwe delen en de randen onder beide greepplaten, werd aangetroffen. Gelet op deze omstandigheden is de rechtbank dan ook van oordeel dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de revolver en de munitie en dat deze zich ook in zijn machtssfeer bevonden.

3.3.5

Feit 3: opzettelijk aanwezig hebben cocaïne

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne. De rechtbank zal, omdat de verdachte dit feit heeft bekend en namens hem geen vrijspraak is bepleit, volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen, te weten:

  • de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting van 23 augustus 2024;

  • het proces-verbaal van bevindingen doorzoeking;

- het proces-verbaal van onderzoek drugs;

- het rapport NFiDENT;

- de kennisgeving van inbeslagneming.

3.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte:

03/307873-22

Feit 1

op 25 november 2022 in de gemeente Roermond

- een (vuur)wapen van categorie II, onder 3 van de Wet wapens en munitie, te weten een enkelloops hagelgeweer ("Riotgun"), van het merk Winchester, model 1300 Defender, kaliber 12 Gauge (goednummer 1559721), en

- een (vuur)wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een semi-automatisch pistool, van het merk Umarex, model Walther P22, kaliber 6.35mm Browning (goednummer 1559719), en

- een (vuur)wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een semi-automatisch pistool, van het merk Mauser, model Compact DA, kaliber 9mm Parabellum (goednummer 1559715), en

een (grote) hoeveelheid munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten

- 124 (67 + 49 + 8) hagelpatronen van het kaliber 12 Gauge (goednummers 1559756, 1556738 en 1559735), en

- 51 kogelpatronen van het kaliber 9mm Luger en .22 long rifle (goednummer 1559740), en

- 41 kogelpatronen van het kaliber 9mm Luger (goednummer 1559725), en

- 50 kogelpatronen van het kaliber 7.65mm Browning (goednummer 1559730),

zijnde vuurwapens in de vorm van een geweer en pistool en munitie, voorhanden heeft gehad;

Feit 3

op 25 november 2022 in de gemeente Roermond

- wapens van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten twee stiletto’s (goednummers 1559748 en 1559755), en

- een wapen van categorie I, onder 3° van de Wet wapens en munitie, te weten een boksbeugel (goednummer 1559807),

voorhanden heeft gehad;

Feit 4

op 25 november 2022 in de gemeente Roermond opzettelijk professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, te weten 16 (flash)bangers (type DELOVA RANA PROFI, COBRA 20 en COBRA TRATE), voorhanden heeft gehad;

03/037489-24

Feit 1

op 29 januari 2024 in Eindhoven een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een revolver, van het merk Smith & Wesson, model 19-3, kaliber .357 magnum, zijnde een vuurwapen in de vorm van een revolver voorhanden heeft gehad;

Feit 2

op 29 januari 2024 in Eindhoven munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten:

- 182 (44+58+36+44) centraalvuur kogelpatronen van het kaliber .357 magnum, en

- 6 Brenneke patronen van het kaliber 20,

voorhanden heeft gehad;

Feit 3

op 29 januari 2024 in Eindhoven opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 3,7 gram (netto) cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

03/307873-22

Feit 1

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II (met uitzondering van onderdeel 2º of onderdeel 7º) en vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd

Feit 3

handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van deze feiten uitsluiten.

Feit 4 levert naar het oordeel van de rechtbank geen strafbaar feit op. Daartoe overweegt zij als volgt.

Het ten laste gelegde is gebaseerd op artikel 1.2.2, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit. Uit de Nota van Toelichting, behorend bij het besluit van 9 december 2009 tot wijziging van het Vuurwerkbesluit (Stb. 2009, 605), volgt dat het eerste lid van deze bepaling zich richt op de fabrikant, de importeur en de distributeur van professioneel vuurwerk. Daarnaast is het eerste lid van toepassing op de detailhandelaar waar het voorhanden hebben van vuurwerk betreft. Het derde lid is van toepassing op particulieren, waar het opslaan en voorhanden hebben van professioneel vuurwerk betreft. Dit dient als systematische specialis ten opzichte van het eerste lid beschouwd te worden.

De verdachte is geen persoon met gespecialiseerde kennis over vuurwerk, zoals een fabrikant of detailhandelaar, maar kwalificeert als particulier (als bedoeld in het Vuurwerkbesluit). De verdachte heeft het vuurwerk als particulier voorhanden gehad, zonder daarbij aan de voorschriften van het Vuurwerkbesluit te voldoen.

Dit brengt, gelet op artikel 55, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, mee dat alleen het derde lid van artikel 1.2.2 van het Vuurwerkbesluit als strafbepaling in aanmerking komt en niet het eerste lid. Het onder 4. bewezenverklaarde kan onder deze omstandigheden dan ook niet worden gekwalificeerd als een strafbaar feit en de verdachte dient hiervan dus te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

03/037489-24

Feit 1

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en

munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III

Feit 2

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en

munitie

Feit 3

opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6 De straf en/of de maatregel

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 32 maanden met aftrek van voorarrest.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft – onder verwijzing naar de LOVS-oriëntatiepunten – verzocht om te volstaan met de oplegging van een gevangenisstraf tussen de 12 en 16 maanden.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Ernst van de feiten

Op 25 november 2022 werden tijdens een doorzoeking in de woning waar de verdachte toen woonde meerdere levensbedreigende wapens, zoals een riotgun en semi-automatische pistolen, en (daarbij horende) munitie aangetroffen. De rechtbank heeft bewezen geacht dat de verdachte zes wapens – waaronder drie vuurwapens – en een grote hoeveelheid munitie voorhanden heeft gehad. Ruim een jaar later – nota bene tijdens de schorsing van zijn voorlopige hechtenis – werden bij de verdachte wederom een revolver, een grote hoeveelheid (kogel)patronen en 3,7 gram cocaïne in zijn woning aangetroffen.

Het bezit van dergelijke wapens en munitie als die de verdachte voorhanden heeft gehad, brengt zonder de daartoe vereiste vergunningen, verlofregelingen of vrijstellingen, een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich en vormt een ernstige inbreuk op de rechtsorde. Ook veroorzaakt dergelijk handelen gevoelens van onrust en onveiligheid in de samenleving. Met name de combinatie van verdovende middelen en wapens is zorgelijk en heeft in het verleden in het criminele milieu veelvuldig tot (zeer) ernstige geweldsdelicten geleid. Met het bezit van harddrugs heeft de verdachte bovendien een bijdrage geleverd aan de handel in verdovende middelen. De verspreiding van en handel in harddrugs gaan gepaard met verschillende vormen van (ernstige) criminaliteit, waardoor de samenleving ernstige schade wordt berokkend. Daarbij zijn harddrugs schadelijk voor de volksgezondheid en leveren ze grote gevaren op voor de gebruikers ervan. De verdachte heeft zich hiervan geen rekenschap gegeven.

Oriëntatiepunten voor straftoemeting

De rechtbank heeft bij de bepaling van de hoogte van de straf in enige mate aansluiting gezocht bij de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS). Voor het voorhanden hebben van een vuurwapen wordt als uitgangspunt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vier maanden – per vuurwapen – passend geacht. De rechtbank weegt mee dat de verdachte meerdere vuurwapens, met grote hoeveelheden (daarvoor geschikte) munitie, binnen handbereik voorhanden had in zijn woning.

Gelet op de aard en de ernst van de feiten is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige straf dan een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

De rechtbank heeft acht geslagen op het strafblad van de verdachte, waaruit blijkt dat hij eerder is veroordeeld voor overtreding van de Wet wapens en munitie. Dat de verdachte in een schorsing liep, heeft hem er kennelijk ook niet van weerhouden om een jaar later opnieuw soortgelijke strafbare feiten te plegen. De rechtbank zal hiermee in strafverzwarende zin rekening houden bij het bepalen van de hoogte van de straf. Dat de verdachte onder druk van anderen handelde is niet aannemelijk geworden.

Straf

De rechtbank is van oordeel dat de officier van justitie, gelet op het voorgaande, in zijn eis de enig passende strafmodaliteit heeft gekozen, te weten een gevangenisstraf. Wel zal de rechtbank een gevangenisstraf van kortere duur opleggen dan door de officier van justitie is gerekwireerd, omdat zij de gevorderde straf te fors acht.

Alles overwegende zal de rechtbank de verdachte veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden. De tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, zal op de gevangenisstraf in mindering worden gebracht.

Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet of tot het moment dat de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling aan de orde is, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering.

7 Het beslag

Onder de verdachte zijn de volgende voorwerpen in beslag genomen:

1 STK Horloge

(Omschrijving: PL2300-2022184184-G1560318, Rolex)

1 STK Computer

(Omschrijving: PL2300-2022184184-G1559797, notebook, Asus)

De rechtbank zal conform de eis van de officier van justitie beslissen tot teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op artikel 57 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 13, 26 en 55 van de Wet Wapens en Munitie, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt de verdachte vrij van het onder 2. van parketnummer 03/307873-22 ten laste gelegde feit;

Bewezenverklaring

  • verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

  • verklaart dat het onder feit 4 van parketnummer 03/307873-22 bewezenverklaarde geen strafbaar feit is en ontslaat verdachte op dat onderdeel van alle rechtsvervolging;

  • verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

  • veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 24 maanden;

  • beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

Beslag

- gelast de teruggave van de volgende in beslag genomen voorwerpen aan de verdachte:

  • 1 STK Horloge (Omschrijving: PL2300-2022184184-G1560318, Rolex)

  • 1 STK Computer(Omschrijving: PL2300-2022184184-G1559797, notebook, Asus).

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.H. van den Hombergh, voorzitter, mr. L. Bastiaans en mr. B. de Groot, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.H.C. van den Munckhof, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 6 september 2024.

Buiten staat

Mr. M.J.H. van den Hombergh en mr. L. Bastiaans zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is – na wijziging – ten laste gelegd dat

03/307873-22

1.

hij, op of omstreeks 25 november 2022 in de gemeente Roermond

- een (vuur)wapen van categorie II, onder 3 van de Wet wapens en munitie en of van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een enkelloops hagelgeweer ("Riotgun"), van het merk Winchester, model 1300 Defender, kaliber 12 Gauge (goednummer 1559721), en/of

- een (vuur)wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een semi-automatisch pistool, van het merk Umarex, model Walther P22, kaliber 6.35mm Browning (goednummer 1559719), en/of

- een (vuur)wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een semi-automatisch pistool, van het merk Mauser, model Compact DA, kaliber 9mm Parabellum (goednummer 1559715), en/of

een (grote) hoeveelheid munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten

- 124 (67 + 49 + 8) hagelpatronen van het kaliber 12 Gauge (goednummers 1559756, 1556738 en 1559735), en/of

- 51 kogelpatronen van het kaliber 9mm Luger en/of .22 long rifle (goednummer 1559740), en/of

- 41 kogelpatronen van het kaliber 9mm Luger (goednummer 1559725), en/of

- 50 kogelpatronen van het kaliber 7.65mm Browning (goednummer 1559730), en/of

- 53 (50 + 3) hagelpatronen van onbekend kaliber (goednummers 1559778 en 1559781),

zijnde een (of meer) vuurwapen(s) in de vorm van een geweer en/of pistool en/of munitie, voorhanden heeft gehad;

2.

hij, in of omstreeks de periode van 1 juli 2022 tot en met 21 november 2022 in de gemeente Roermond, althans in Nederland, een ander, te weten [slachtoffer] , door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen en/of te dulden, te weten het (door die [slachtoffer] ) meenemen van een (of meer) zak(ken) met daarin een (of meer) (vuur)wapen(s), munitie en/of een (of meer) hoeveelhe(i)d(en) verdovende middelen, in ieder geval een (of meer) (strafba(a)r(e)) goed(eren),

door tegen die [slachtoffer] te zeggen - zakelijk weergegeven - :

- dat die [slachtoffer] iets voor hem, verdachte, moest doen, en/of

- dat als die [slachtoffer] het niet zou doen dat hij, verdachte, Lisa en de kleine wat aan zou doen, en/of

- dat hij, verdachte, weet waar ze wonen, en/of

- dat hij, verdachte, het zou weten als die [slachtoffer] hem zou naaien,

althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

door (daarbij) met een (vuurwapen) langs die [slachtoffer] af en/of in zijn, verdachtes, bank te schieten;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij, in of omstreeks 1 juli 2022 tot en met 21 november 2022 in de gemeente Roermond, althans in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door tegen die [slachtoffer] te zeggen - zakelijk weergegeven - :

- dat die [slachtoffer] iets voor hem, verdachte, moest doen, en/of

- dat als die [slachtoffer] het niet zou doen dat hij, verdachte, Lisa en de kleine wat aan zou doen, en/of

- dat hij, verdachte, weet waar ze wonen, en/of

- dat hij, verdachte, het zou weten als die [slachtoffer] hem zou naaien,

althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

door (daarbij) met een (vuurwapen) langs die [slachtoffer] af en/of in zijn, verdachtes, bank te schieten;

3.

hij, op of omstreeks 25 november 2022 in de gemeente Roermond

- een (of meer) wapen(s) van categorie I, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten twee stiletto’s (goednummers 1559748 en 1559755), en/of

- een wapen van categorie I, onder 3° van de Wet wapens en munitie, te weten een boksbeugel (goednummer 1559807),

voorhanden heeft gehad;

4.

hij, op of omstreeks 25 november 2022 in de gemeente Roermond opzettelijk professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, te weten 16 (flash)bangers (type DELOVA RANA PROFI, COBRA 20 en/of COBRA TRATE),

heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad;

03/037489-24

1.

hij, op of omstreeks 29 januari 2024 in de gemeente Eindhoven een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een revolver, van het merk Smith & Wesson, model 19-3, kaliber .357 magnum, zijnde een vuurwapen in de vorm van een geweer, revolver en/of pistool, voorhanden heeft gehad;

2.

hij, op of omstreeks 29 januari 2024 in de gemeente Eindhoven munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten

- 182 (44+58+36+44) centraalvuur kogelpatronen van het kaliber .357 magnum, en/of

- 6 Brenneke patronen van het kaliber 20,

voorhanden heeft gehad;

3.

hij, op of omstreeks 29 januari 2024 in de gemeente Eindhoven opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 3,7 gram (netto) cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, onderzoek LB13022008 Hokkaido, gesloten d.d. 10 februari 2023, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 1142. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 november 2022, p. 234-236; goederenlijst doorzoeking woning [adres 2] te Roermond, p. 237-238 en de kennisgevingen van inbeslagneming, p. 1089-1090 en p. 1081-1085. Goederenlijst doorzoeking woning [adres 2] te Roermond, p. 237-238. Proces-verbaal Team Forensische Opsporing, proces-verbaalnummer 2022184184-40, gesloten op 20 december 2022, p. 837-842. Proces-verbaal van onderzoek wapen d.d. 29 november 2022, p. 690-692. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 december 2022, p. 773-775. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 december 2022, p. 774-775. Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek van The Maastricht Forensic Institute d.d. 28 november 2022, pg. 778-780. Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 25 en 26 november 2022, p. 243-253; de verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting van 23 augustus 2024. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 november 2022, p. 610, met bijlage op p. 639-640, 670 en de goederenlijst op p. 237. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 november 2022, p. 693-694. Kennisgevingen van inbeslagneming, p. 1093-1094. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 november 2022, p. 610, met bijlage op p. 666-669. Proces-verbaal van onderzoek aan inbeslaggenomen vuurwerk d.d. 5 januari 2023, p. 699-716, met als bijlage de NFI-rapportages explosievenonderzoek aan betwist vuurwerk, p. 717-750. Kennisgevingen van inbeslagneming, p. 1123-1124. Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, proces-verbaalnummer PL2100-2024021490, gesloten d.d. 25 maart 2024, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 161. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 januari 2024, p. 62-64; proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 januari 2024, p. 76-78; de kennisgeving van inbeslagneming, p. 145-147. Proces-verbaal Onderzoek wapen en munitie, gesloten op 7 maart 2024, p. 95-100. Voor het in deze kolom weergegeven aantal kogelpatronen, verwijst de rechtbank naar afbeelding 11, zoals weergegeven op pagina 106, waarop de rechtbank 44 patronen waarneemt. Proces-verbaal van relaas d.d. 21 maart 2024, p. 83-85. Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek van The Maastricht Forensic Institute d.d. 4 maart 2024, pg. 111-114. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 januari 2024, p. 62-64. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 januari 2024, p. 121-123. Rapport NFiDENT van het Nederlands Forensisch Instituut d.d. 7 februari 2024, p. 109. Kennisgeving van inbeslagneming, p. 153-154.