Strafrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland, 10 november 2023
ECLI:NL:RBMNE:2023:6179 · Rechtbank Midden-Nederland · 10 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbmne-2023-6179
Zaakgegevens
Op 10 november 2023 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 10 november 2023
- Datum publicatie
- 20 november 2023
- Zaaknummer
- 16-140928-21 en 16-216396-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:6179
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Herstelvonnis
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummers: 16/140928-21 en 16/216396-21 (ttz. gev)
Vonnis tot herstel van het op 10 november 2023 uitgesproken vonnis van de rechtbank Midden-Nederland
in de zaak tegen de verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 2003 te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres] , [postcode] , [woonplaats] (België).
1 De onderdelen van het vonnis die moeten worden hersteld
Oplegging van een werkstraf
Na de uitspraakdatum is de rechtbank gebleken dat het dictum van voormeld vonnis een fout bevat. In het dictum is opgenomen dat aan verdachte een taakstraf voor de duur van zestig uren is opgelegd. Abusievelijk is niet in het dictum opgenomen dat deze taakstraf een werkstraf inhoudt en dat, voor het geval de verdachte de werkstraf niet (naar behoren) verricht, de werkstraf wordt vervangen door dertig dagen jeugddetentie. In het belang van een juiste executie van het vonnis zal de rechtbank deze fout herstellen door verbetering van het dictum, waartoe het onderhavige vonnis strekt.
Hoogte van het toegewezen schadebedrag
In deze zaak heeft De Volksbank N.V. zich gevoegd en een schadevergoeding gevorderd. Na de uitspraak is gebleken dat de hoogte van het schadebedrag dat door de rechtbank is toegewezen onjuist in het dictum van voormeld vonnis is vermeld. In het vonnis is immers een motivering met betrekking tot die vordering opgenomen, waaruit blijkt dat de rechtbank de bedragen € 18.169,60, € 924,00, € 14.036,98 en € 1.200,00 voor toewijzing vatbaar heeft geacht. Het totaal toe te wijzen bedrag komt daarmee op € 34.330,58. In het belang van een juiste executie van het vonnis zal de rechtbank deze schrijffout herstellen door verbetering van het dictum, waartoe het onderhavige vonnis strekt.
2 De beslissing
De rechtbank:
- handhaaft haar beslissing van 10 november 2023, met herstel van een kennelijke misslag in het dictum als volgt en wijzigt:
veroordeelt verdachte tot een taakstraf van zestig (60) uren;
beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door dertig (30) dagen hechtenis ;
in:
veroordeelt verdachte tot een taakstraf, te weten een werkstraf, van zestig (60) uren;
beveelt dat voor het geval verdachte de werkstraf niet of niet naar behoren verricht de werkstraf wordt vervangen door dertig (30) dagen jeugddetentie ;
- en wijzigt:
- wijst de vordering van De Volksbank N.V. toe tot een bedrag van € 34.335,16 ;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan De Volksbank N.V. van het toegewezen bedrag, waarvan hoofdelijk tot een bedrag van € 20.293,60, te vermeerderen met de wettelijke rente:
over een bedrag van € 18.437,74 vanaf 28 juli 2021;
over een bedrag van € 924,00 vanaf 20 augustus 2021;
over een bedrag van € 1.200,00 vanaf 21 september 2021;
over een bedrag van € 18.169,60 vanaf 15 oktober 2021;
in:
- wijst de vordering van De Volksbank N.V. toe tot een bedrag van € 34.330,58 ;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan De Volksbank N.V. van het toegewezen bedrag, waarvan hoofdelijk tot een bedrag van € 20.293,60, te vermeerderen met de wettelijke rente:
over een bedrag van € 14.036,98 vanaf 28 juli 2021;
over een bedrag van € 924,00 vanaf 20 augustus 2021;
over een bedrag van € 1.200,00 vanaf 21 september 2021;
over een bedrag van € 18.169,60 vanaf 15 oktober 2021;
- bepaalt dat de griffier dit vonnis doet hechten aan het originele vonnis van 10 november 2023 en dit vonnis per brief ter kennis doet brengen van de verdachte, de raadsvrouw, de officier van justitie en de benadeelde partij.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Gerritse, voorzitter, tevens kinderrechter,
mrs. L.M.G. de Weerd en H.J. van Woudenberg, rechters, in tegenwoordigheid van
mr. J. Broere als griffier.
Mrs. L.M.G. de Weerd en H.J. van Woudenberg zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.