Bestuursstrafrecht

Wahv. Doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat. De verbalisant verklaart dat…

Rechtbank Noord-Nederland, 2 juli 2026

Zaakgegevens

Op 2 juli 2026 heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over bestuursstrafrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
2 juli 2026
Datum publicatie
16 juli 2026
Zaaknummer
11919556 BU VERZ 25-2137
Procedure
Mondelinge uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:2907
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Wahv. Doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat. De verbalisant verklaart dat het verkeerslicht ongeveer twee seconden op rood stond toen betrokkene dit negeerde. Ook geeft hij aan dat hij duidelijk en onbelemmerd zicht had, zowel op het voertuig als op het verkeerslicht. De stoplichten hangen boven het kruispunt, dus die agent heeft ze heel goed kunnen zien. Beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 271228515

zaaknummer: 11919556 BU VERZ 25-2137

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 2 juli 2026

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] .

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat’, verricht op 1 januari 2025, om 12:09 uur, op de Oostergoweg in Leeuwarden, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 309,00 (inclusief administratiekosten).

1.1.

Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

1.2.

De kantonrechter heeft het beroep op 2 juli 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig de vertegenwoordigster van de officier van justitie, mr. K.S.L. Kattick.

1.3.

Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.


Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.

Standpunten

3. Betrokkene voert aan dat zij niet door rood is gereden. Op het moment van passeren stond het licht op oranje. Stoppen was toen niet meer verantwoord en zou de verkeersveiligheid in gevaar brengen. Daarnaast voert betrokkene onder verwijzing naar een wetsartikel en eerdere rechtspraak aan dat men bij oranje licht door mag rijden als stoppen niet meer veilig is. Verder is de waarneming van de verbalisant onbetrouwbaar, omdat hij zich links vóór betrokkene bevond in een stilstaand voertuig en alleen was. De verklaring van betrokkene wordt ondersteund door haar bijrijder.

4. Vervolgens voert betrokkene, onder verwijzing naar een situatieschets, aan dat het dienstvoertuig van de politie op de linker rijstrook stond. Hierdoor had de agent geen direct zicht op het verkeerslicht van betrokkene. Om het verkeerslicht te kunnen zien, zou de agent eerst moeten constateren dat betrokkene hem passeerde, zich vervolgens voorover moeten buigen en zijn hoofd naar rechtsboven draaien. Tegen de tijd dat hij het verkeerslicht daadwerkelijk kon zien, was betrokkene al doorgereden. Daarnaast is het onwaarschijnlijk dat betrokkene bewust door rood zou rijden terwijl er een politievoertuig bij het rode licht stond te wachten.

5. Door de vertegenwoordigster is aangevoerd dat zij het standpunt van de officier van justitie wil handhaven. Zij heeft de kantonrechter verzocht het beroep ongegrond te verklaren.

Overwegingen

6. De kantonrechter ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de gegevens in het dossier. De verbalisant verklaart dat het verkeerslicht ongeveer twee seconden op rood stond toen betrokkene dit negeerde. Ook geeft hij aan dat hij duidelijk en onbelemmerd zicht had, zowel op het voertuig als op het verkeerslicht. De stoplichten hangen boven het kruispunt, dus die agent heeft ze heel goed kunnen zien. Dat blijkt ook uit een foto van Google Streetview, die de kantonrechter op de zitting heeft besproken en waarvan een kopie bij dit proces-verbaal is gevoegd.

7. Alles overwegende stelt de kantonrechter op basis van de verklaring van de verbalisant vast dat de gedraging is verricht. In het verweer van betrokkene ziet hij verder geen reden om de boete wijzigen. Die is terecht opgelegd. De kantonrechter zal het beroep ongegrond verklaren.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.

Waarvan proces-verbaal,

R. de Hoop, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

[afbeelding niet beschikbaar]