Civiel recht overig
Rechtbank Oost-Brabant · Bodemzaak · Civiel recht overig
Rechtbank Oost-Brabant, 23 april 2026
ECLI:NL:RBOBR:2026:3505 · Rechtbank Oost-Brabant · 23 april 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-oost-brabant/civiel-recht/civiel-recht-overig/bodemzaak/ecli-nl-rbobr-2026-3505
Zaakgegevens
Op 23 april 2026 heeft de Rechtbank Oost-Brabant in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Oost-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 23 april 2026
- Datum publicatie
- 21 mei 2026
- Zaaknummer
- 11729568 \ CV EXPL 25-3045
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBOBR:2026:3505
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
herstelvonnis
Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer: 11729568 \ CV EXPL 25-3045
Verbetervonnis van 23 april 2026
in de zaak van
NATIONALE-NEDERLANDEN SCHADEVERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V.,
te Den Haag,
eisende partij,
hierna te noemen: Nationale Nederlanden,
gemachtigde: mr. J.A.A. van Beek,
tegen
[gedaagde] ,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. R.J. Laatsman.
1 Het verzoek tot verbetering
Op 17 maart 2026 heeft mr. J.A.A. van Beek namens Nationale Nederlanden de kantonrechter verzocht om verbetering van het op 12 februari 2026 in deze zaak gewezen vonnis. Nationale Nederlanden heeft daartoe aangevoerd dat het op 12 februari 2026 gewezen vonnis abusievelijk is gedateerd op 12 februari 2025 in plaats van 12 februari 2026.
De kantonrechter heeft [gedaagde] in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren. [gedaagde] heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
2 De beoordeling
Op grond van artikel 31 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verbetert de rechter te allen tijde, op verzoek van een partij of ambtshalve, in zijn vonnis een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Dit is het geval als het gaat om duidelijke verschrijvingen of fouten waarvan direct duidelijk is dat sprake is van een vergissing.
De kantonrechter oordeelt dat in het vonnis van 12 februari 2026 sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent, nu in het vonnis bij de uitspraak datum abusievelijk het jaartal 2025 staat in plaats van 2026. De kantonrechter zal het verzoek tot verbetering van het vonnis dan ook toewijzen als volgt.
3 De beslissing
De kantonrechter
bepaalt dat overal waar in het op 12 februari 2026 tussen partijen gewezen vonnis staat
“12 februari 2025”
dit wordt gewijzigd in
“12 februari 2026”,
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 23 april 2026 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 12 februari 2026,
verzoekt de partij die de grosse heeft ontvangen, voor zover zij dit niet al heeft gedaan, de ontvangen grosse van het vonnis van 12 februari 2026 na ontvangst van dit verbetervonnis aan de griffie van de rechtbank terug te sturen.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.J.A. Donkersloot en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2026.