Strafrecht overig

Naar het oordeel van de rechtbank is er in het dossier onvoldoende bewijs om te kunnen vaststellen dat…

Rechtbank Overijssel, 19 juli 2022

Zaakgegevens

Op 19 juli 2022 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Zwolle
Datum uitspraak
19 juli 2022
Datum publicatie
19 juli 2022
Zaaknummer
08/963610-21 (LP) (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2022:2066
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Naar het oordeel van de rechtbank is er in het dossier onvoldoende bewijs om te kunnen vaststellen dat verdachte aan de politieambtenaar een of meer giften heeft gedaan en/of een of meer geldbedragen heeft aangeboden teneinde hem te bewegen vertrouwelijke informatie uit de politiesystemen aan verdachte en/of andere daartoe niet-gerechtigde personen te verstrekken. De rechtbank Overijssel spreekt de 39-jarige man daarom vrij.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer: 08/963610-21 (LP) (P)

Datum vonnis: 19 juli 2022

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1982 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] .

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 23 november 2021 en 7 juli 2022.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie

mr. drs. M.R.A. van IJzendoorn en van hetgeen door de raadsman mr. F. van Gaal, advocaat te Nijmegen, namens verdachte naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich meermalen - al dan niet samen met een of meer anderen - schuldig heeft gemaakt aan omkoping van een politieambtenaar.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 januari

2019 tot en met 23 maart 2021 te Nijmegen en/of Lent en/of Eist en/of elders

in Nederland (telkens) tezamen en in vereniging met een ander, althans alleen

meermalen, althans eenmaal, een ambtenaar van de politie (Generalist

GGP/hoofdagent van politie, werkzaam bij Basisteam Rivierenland-West in Elst)

genaamd [medeverdachte 1] , één of meer gift(en) heeft/hebben gedaan, en/of

aangeboden, te weten één of meer geldbedragen,

(telkens) met het oogmerk om die [medeverdachte 1] te bewegen in zijn bediening, iets

te doen, te weten (telkens) het bevragen van een of meer politiesystemen op

(vertrouwelijke) informatie met betrekking tot hemzelf, te weten [verdachte]

(geboren op [geboortedatum 1] 1982) en/of de perso(o)n(en) [medeverdachte 2]

(geboren op [geboortedatum 2] 1983) en/of [medeverdachte 3] (geboren op [geboortedatum 3]

1983) en/of [medeverdachte 4] (geboren op [geboortedatum 4] 1981) en/of de aan

voornoemde personen te relateren administratieve gegevens en/of

persoonsgegevens en/of (opsporings)onderzoeken en/of incidenten en/of

kentekens en/of (vervolgens) die (vertrouwelijke) informatie uit een of meer

politiesystemen aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of (een) andere

daartoe niet-gerechtigde perso(o)n(en)/derde(n) te verstrekken en/of te

openbaren.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 Vrijspraak

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken van het ten laste gelegde.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak bepleit.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Naar het oordeel van de rechtbank is er in het dossier onvoldoende bewijs om te kunnen vaststellen dat verdachte aan politieambtenaar [medeverdachte 1] een of meer giften heeft gedaan

en/of een of meer geldbedragen heeft aangeboden teneinde hem te bewegen vertrouwelijke informatie uit de politiesystemen aan verdachte en/of andere daartoe niet-gerechtigde personen te verstrekken, zodat verdachte van het ten laste gelegde wordt vrijgesproken.

5 De beslissing

De rechtbank:

- verklaart niet bewezen wat aan verdachte is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. D. ten Boer, voorzitter, mr. S.K. Huisman en

mr. J.T. Pouw, rechters, in tegenwoordigheid van H. Kamp, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 19 juli 2022.

Buiten staat

Mr. Ten Boer is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.