Strafrecht overig

De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft gepleegd en spreekt hem daarvan…

Rechtbank Overijssel, 11 november 2025

Zaakgegevens

Op 11 november 2025 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Zwolle
Datum uitspraak
11 november 2025
Datum publicatie
13 november 2025
Zaaknummer
71.252782.24 (P)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2025:6625
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft gepleegd en spreekt hem daarvan vrij.

Verdachte was ten laste gelegd dat hij betrokken was bij de invoer van harddrugs.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer: 71.252782.24 (P)

Datum vonnis: 11 november 2025

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats],

wonende aan [woonplaats].

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 28 oktober 2025.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van wat namens verdachte door zijn raadsman mr. M.J. Lamers, advocaat in Utrecht, naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte betrokken is bij de invoer van 114,12 kilogram metamfetamine op 9 april 2024.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

hij op of omstreeks 9 april 2024 te [plaats], althans in de gemeente [plaats],

althans in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging

- opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht (als bedoeld in

artikel 1 lid 4 Opiumwet) en/of

- opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht

en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, en/of

- opzettelijk aanwezig heeft gehad

ongeveer 114,12 kilogram, in elk geval een (grote) hoeveelheid van een materiaal

bevattende (meth)amfetamine, zijnde (meth)amfetamine een middel als bedoeld in

de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid

van artikel 3a van die wet.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De bewijsmotivering

4.1

Het standpunt van de officier van justitie en de verdediging

De officier van justitie en de verdediging hebben zich op het standpunt gesteld dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het tenlastegelegde.

4.2

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

5 De beslissing

De rechtbank:

vrijspraak

- verklaart niet bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Eshuis, voorzitter, mr. S.K. Huisman en mr. F.H. van der Beek, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.R. Mulder en R. Hoonhorst, griffiers, en is in het openbaar uitgesproken op 11 november 2025.