Strafrecht overig

Tussentijdse ISD-toets. Voortzetting ISD-maatregel

Rechtbank Rotterdam, 13 december 2022

Zaakgegevens

Op 13 december 2022 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
13 december 2022
Datum publicatie
3 januari 2023
Zaaknummer
10/327675-20
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2022:11500
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Tussentijdse ISD-toets. Voortzetting ISD-maatregel

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10/327675-20

Datum uitspraak: 13 december 2022

Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, naar aanleiding van een onderzoek als bedoeld in artikel 6:6:14 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) in de zaak tegen de veroordeelde:

[veroordeelde01] ,

geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1994,

gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Rotterdam, locatie Hoogvliet,

raadsman mr. C.M. van Ommeren, advocaat te Rotterdam.

1 Inleiding

Bij vonnis van deze rechtbank van 14 april 2021 is aan de veroordeelde opgelegd de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel) voor de duur van twee jaren.

2 Procesverloop

Op 23 augustus 2022 is door de griffie van de rechtbank ontvangen een namens de veroordeelde gedaan verzoek als bedoeld in artikel 6:6:14, eerste lid, Sv tot een tussentijdse beoordeling van de noodzaak van de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel.

De zaak is op 16 november 2022 geschorst en vervolgens behandeld op de openbare terechtzitting van 13 december 2022. De officier van justitie mr. M. Vollebregt, de veroordeelde en zijn raadsman mr. C.M. van Ommeren, advocaat te Rotterdam, zijn gehoord. Tevens is gehoord de heer [naam01] , senior casemanager ISD van de PI Rotterdam.

3 Standpunten van partijen

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot voortzetting van de ISD-maatregel.

De veroordeelde en de raadsman hebben zich niet verzet tegen de voortzetting van de ISD-maatregel. Daartoe is door de raadsman aangevoerd dat het verzoek aan de rechtbank in eerste instantie was om het ISD-traject te beoordelen. Na een gesprek met de heer [naam01] is echter duidelijk geworden dat begeleid wonen voor de veroordeelde is aangevraagd en geaccepteerd. Er zal dus een overstap gemaakt worden naar begeleid wonen. Om die reden zal de verdediging de rechtbank niet verzoeken om tot opheffing van de ISD-maatregel over te gaan.

4 Beoordeling

De rechtbank is op grond van het rapport tussentijdse toetsing tenuitvoerlegging ISD-maatregel van 1 november 2022 en het verhandelde ter terechtzitting, met de officier van justitie en de verdediging, van oordeel dat de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel dient te worden voortgezet.

5 Beslissing

De rechtbank:

gaat niet over tot beëindiging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders;

bepaalt dat de tenuitvoerlegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders wordt voortgezet.

Deze beslissing is gegeven door:

mr. J.L.M. Boek, voorzitter,

en mrs. M.J.M. van Beckhoven en D. van Putten, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D. Sengezken, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 13 december 2022.

De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.