Civiel recht overig

Met het wegvallen van de juiste verwijzing onder overweging 4.1 van het dictum, is er sprake van een…

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 juli 2025

Zaakgegevens

Op 2 juli 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Zittingsplaats
Tilburg
Datum uitspraak
2 juli 2025
Datum publicatie
3 juli 2025
Zaaknummer
10653833 CV EXPL 23-3163 (H)
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2025:4210
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Met het wegvallen van de juiste verwijzing onder overweging 4.1 van het dictum, is er sprake van een kennelijke fout, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Tilburg

Zaaknummer: 10653833 \ CV EXPL 23-3163

(herstel)vonnis d.d. 2 juli 2025

inzake

STICHTING CASADE,

te Kaatsheuvel (gemeente Loon op Zand),

eisende partij in conventie,

verwerende partij in reconventie,

hierna te noemen: Casade,

gemachtigde: mr. W.A. Kempe,

tegen

[persoon] ,

te [plaats] ,

gedaagde partij in conventie,

eisende partij in reconventie,

hierna te noemen: [persoon] ,

gemachtigde: mr. A. Smeekes.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

a. het vonnis van de kantonrechter te Tilburg van 21 mei 2025 met de daarin genoemde stukken;

b. het bericht van mr. Kempe van 18 juni 2025;

c. het bericht van de griffier van 19 juni 2025.

2 Het verzoek en de beoordeling

2.1

De gemachtigde van Casade heeft bij bericht van 18 juni 2025 verzocht om herstel van voormeld vonnis. Hij heeft daartoe aangevoerd dat onder rechtsoverweging 4.2 van het vonnis een foutieve verwijzing staat, omdat daar “als bedoeld onder rechtsoverweging 4.1” moet staan en niet “Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.”.

2.2

De wederpartij is bij brief van de griffier in de gelegenheid gesteld zich over het verzoek uit te laten, met daarbij de opmerking dat de kantonrechter aanneemt dat er geen bezwaar is als er geen reactie wordt ontvangen.

2.3

De wederpartij heeft niet gereageerd.

2.4

De kantonrechter is van oordeel dat er met het wegvallen van de juiste verwijzing sprake is van een kennelijke fout, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

2.5

Daarom wordt beslist als volgt.

3 De beslissing

De kantonrechter:

volhardt bij de inhoud van het tussen partijen op 21 mei 2025 gewezen vonnis met bovenvermeld zaaknummer, met dien verstande dat de in de beslissing onder 4.2 opgenomen veroordeling/tekst als volgt dient te luiden:

“bepaalt dat indien [persoon] binnen twee jaar na betekening van dit vonnis de veroordeling als bedoeld onder rechtsoverweging 4.1 geheel of gedeeltelijk niet naleeft, zij een dwangsom verbeurt van € 50,- per dag voor elke overtreding, met een maximum van € 2.000,-;”;

bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 2 juli 2025 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 21 mei 2025;

bepaalt dat de griffier dit vonnis hecht aan de minuut van het vonnis van 21 mei 2025 en van deze vonnissen als één geheel afschrift respectievelijk grosse verstrekt.

Dit vonnis is gewezen door mr. Rouwen en in het openbaar uitgesproken op 2 juli 2025.