Amsterdam · 28 oktober 2026
Rechtbank stelt Booking.com in het gelijk over thuiswerkbeleid

Het is niet onredelijk van Booking om medewerkers te verplichten om 40 procent van de werktijd op kantoor te zijn, oordeelt de rechtbank Amsterdam. De rechtbank vindt de argumentatie van Booking dat onderling contact bevorderlijk is voor de werkcultuur overtuigend. Verplichte aanwezigheid is daarvoor een redelijk middel, ook omdat de vrijblijvende regeling tot nu toe niet heeft gewerkt.
Booking spande een zaak aan tegen de ondernemingsraad (OR) omdat zij niet instemt met het nieuwe beleid om werknemers te verplichten minimaal 40 procent op kantoor te zijn. Tot nu toe was dit een vrijblijvende regeling. Omdat nu slechts 27 procent van de medewerkers 40 procent van de werktijd op kantoor is, wil Booking het verplicht stellen. Volgens Booking is het belangrijk dat collega’s elkaar op het werk kunnen ontmoeten, zeker als ze ook nog eens in hetzelfde team werken. De OR stelt dat de nadelen voor de medewerkers te groot zijn in vergelijking met de door Booking gestelde voordelen van verplichte aanwezigheid. Het voorstel van Booking is volgens de OR dan ook niet redelijk.
De rol van de kantonrechter
De Wet op de Ondernemingsraden (WOR) biedt de mogelijkheid om, wanneer een OR de vereiste instemming weigert, vervangende toestemming te vragen aan de kantonrechter om het besluit te nemen. De kantonrechter geeft alleen toestemming als de beslissing van de OR om geen instemming te geven onredelijk is.
Het oordeel
De kantonrechter oordeelt dat het redelijk is dat Booking haar werknemers wil verplichten ten minste 40% van hun werktijd naar kantoor komen. De kantonrechter volgt de argumentatie van Booking dat elkaar ontmoeten op kantoor bij kan dragen aan het bevorderen van onderlinge verbinding, opleiding en ontwikkeling en effectieve samenwerking tussen teams en teamleden onderling. Om dat te bereiken is verplichte aanwezigheid een redelijk middel, ook omdat het aanmoedigen van medewerkers tot nu toe niet heeft gewerkt. De rechter weegt mee dat Booking als werkgever tot op zekere hoogte beleidsvrijheid heeft om te bepalen op welke manier zij haar bedrijf wil organiseren. Ook speelt het instructierecht van de werkgever een rol; een werknemer moet redelijke aanwijzingen bij de uitoefening van het werk van de werkgever opvolgen.
Oog voor individuele medewerkers
Booking heeft bij het voorgenomen beleid voldoende oog gehad voor de door de OR aangevoerde nadelen voor individuele medewerkers. Zo is er een overgangsperiode van een half jaar ingesteld en is er in tegenstelling tot eerdere plannen niet gekozen voor 50-60 procent verplichte aanwezigheid. Ook is er een hardheidsclausule voor wie werkelijk in de problemen komt door het nieuwe beleid. Wel mag van Booking worden verlangd dat zij zich blijft inzetten voor voldoende werkplekken, zodat iedereen die naar kantoor komt ook een werkplek heeft.
Vervangende toestemming
Na afweging van het belang van Booking en de door de OR aangevoerde belangen van de werknemers oordeelt de kantonrechter dat de OR in redelijkheid haar instemming niet kon weigeren. De rechter zal dan ook vervangende toestemming geven aan Booking om de beleidswijziging door te voeren.
Meer informatie
Voor meer informatie kunt u een e-mail sturen naar Team Communicatie van de rechtbank Amsterdam.
Uitspraak
ECLI:NL:RBAMS:2026:10590- U verlaat Rechtspraak.nl
Uitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl