Rechtbank Noord-Holland · 26 februari 2015
Doodsoorzaak Michelle niet komen vast te staan: vrijspraak voor moord/doodslag
? Vier jaar gevangenisstraf voor verkrachting, mishandeling en bedreiging
De rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar heeft op 26 februari 2015 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen de 31-jarige A., die verdacht werd van moord/doodslag op de 24-jarige Michelle Mooij. Zij werd op 17 januari 2010 levenloos, hangend aan een koord aan het plafond, aangetroffen in haar woning waar ze de avond en nacht voorafgaand samen met haar vriend A. was. De rechtbank moest in deze zaak beoordelen of A. (op strafrechtelijk relevante wijze) verantwoordelijk is voor haar dood dan wel of hij haar heeft mishandeld. Voorts of A. haar die bewuste nacht heeft verkracht en op een eerder moment bedreigd. De cruciale vraag voor de beoordeling door de rechtbank van wat heeft plaatsgevonden in de nacht van 16 op 17 januari 2010 was hoe Michelle Mooij om het leven is gekomen. Was er sprake van zelfdoding? Had verdachte haar daartoe gedreven? Had verdachte een rol gespeeld in haar dood en haar verhangen? Was ze door een andere oorzaak om het leven gekomen en daarna opgehangen door verdachte of een ander? Al deze scenario’s zijn onderzocht. Op basis van de rapporten van twee pathologen en het andere forensisch onderzoeksmateriaal komt de rechtbank tot het oordeel dat de werkelijke doodsoorzaak – al dan niet verstikking door verhanging – niet onomstotelijk kan worden vastgesteld. Er is niet met voldoende zekerheid vast te stellen dat Michelle Mooij door verhanging om het leven is gekomen. EAfgezien hiervan biedt het dossier onvoldoende bewijs voor betrokkenheid van A. bij haar dood. Om die reden kan alleen vrijspraak volgen voor de beschuldiging van moord of doodslag. De rechtbank vindt dat er voldoende bewijs is om A. te veroordelen voor verkrachting van Michelle Mooij in de nacht van 16 op 17 januari 2010. Op het levenloze lichaam van Michelle zijn sporen van geweld aangetroffen die volgens de deskundigen vier tot zes uur voor haar dood zijn ontstaan. De rechtbank acht niet bewezen dat A. Michelle Mooij stelselmatig heeft mishandeld maar ziet wel voldoende bewijs voor drie mishandelingen door hem gepleegd in 2008, 2009 en in de nacht van 16 op 17 januari 2010. A. heeft erkend dat hij in de nacht van haar dood ruzie met haar had en haar heeft geslagen. Tot slot acht de rechtbank bedreiging van Michelle in 2009 bewezen. Hij had gedreigd haar in brand te steken met terpentine en “haar huis in fik te steken met haar er in”. De rechtbank heeft A. veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier jaar. Allereerst gelet op de ernst van de feiten, door A. gepleegd tegen zijn vriendin. Maar ook omdat De rechtbank komt tot een hogere strafoplegging dan geëist door de officier van justitie. De rechtbank overweegt dat voor het zwaarste feit, de verkrachting, het uitgangspunt voor straf volgens de geldende landelijke oriëntatiepunten al op 24 maanden staat, terwijl hier sprake is van anale verkrachting van een levensgezel in de huiselijke sfeer. Maar ook de persoon van verdachte, de ernst en frequentie van de mishandelingen en de bedreiging en de eerdere veroordelingen rechtvaardigen een hogere straf. De vorderingen van de nabestaanden tot vergoeding van reis- en telefoonkosten zijn toegewezen alsmede een bedrag van € 16.832,32 aan kosten voor rechtsbijstand.
Uitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)