Strafrecht overig
Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Gelderland, 14 juli 2020
ECLI:NL:RBGEL:2020:3506 · Rechtbank Gelderland · 14 juli 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbgel-2020-3506
Zaakgegevens
Op 14 juli 2020 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Zutphen
- Datum uitspraak
- 14 juli 2020
- Datum publicatie
- 15 juli 2020
- Zaaknummer
- 05/128532-19 (ontneming)
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2020:3506
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Voor deze uitspraak is nog geen samenvatting beschikbaar.
Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummer : 05/128532-19
uitspraak van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedag] 1985 in [geboorteplaats] ,
wonende aan het [adres] ,
op dit moment gedetineerd in HvB Zutphen,
raadsman: mr. J. van Wijk, advocaat te Eindhoven.
1 De inhoud van de vordering
De officier van justitie vordert dat de rechtbank het bedrag vaststelt waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e, vijfde lid, van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en de veroordeelde de verplichting oplegt tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel, welk voordeel door de officier van justitie is gesteld op
€ 51.595,75.
2 De procedure
Ter terechtzitting van 3 september 2019 heeft de officier van justitie de ontnemingsvordering aanhangig gemaakt.
3 Het onderzoek ter terechtzitting
De zaak is op 30 juni 2020 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is veroordeelde verschenen. Veroordeelde is bijgestaan door zijn raadsman.
De officier van justitie heeft ter terechtzitting gepersisteerd bij de vordering.
Veroordeelde en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd.
4 De beoordeling van de vordering
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft voor de onderbouwing van de ontnemingsvordering verwezen naar het proces-verbaal berekening wederrechtelijk verkregen voordeel (proces-verbaalnummer: PL0600-2019140561-195). In het rapport is het wederrechtelijk verkregen voordeel berekend op € 51.595,75.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft gelet op de bepleitte vrijspraak in de hoofdzaak geen verweer gevoerd ten aanzien van de ontnemingsvordering.
De beoordeling door de rechtbank
Bij de beoordeling van de onderhavige vordering is de rechtbank uitgegaan van het op 14 juli 2020 tegen veroordeelde gewezen vonnis waarbij veroordeelde ter zake van diefstal in vereniging is veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf. De rechtbank heeft daarnaast kennis genomen van het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van de politie Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, met proces-verbaalnummer: PL0600-2019140561-195, waarin de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel uiteen is gezet.
De rechtbank is van oordeel dat aannemelijk is dat veroordeelde wederrechtelijk voordeel heeft genoten. Deze beslissing is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.
Berekening wederrechtelijk verkregen voordeel
Vaststaat dat er op 31 maart 2019 een diefstal heeft plaatsgevonden op het bedrijventerrein van [bedrijfsnaam] en dat veroordeelde daarbij samen met in ieder geval vijf anderen betrokken is geweest. De volgende producten zijn weggenomen:
-
5 x [merknaam 1] Gaming Laptop [nummer 1] ;
-
210 x [merknaam 2] Laptop [nummer 2] ;
-
178 x [merknaam 3] Laptop [nummer 3] ;
-
90 x [merknaam 3] Laptop [nummer 4] ;
-
240 x [merknaam 3] Laptop [nummer 5] ;
-
15 x [merknaam 4] Display;
-
1.074 x [merknaam 5] Convert [nummer 6] ;
-
190 x [merknaam 6] Convert [nummer 6] ;
-
190 x [merknaam 7] Chromebook [nummer 7] .
De consumentenprijs van bovenstaande goederen was op 24 juli 2019 als volgt:
|
product |
prijs per stuk |
totaal |
|
[merknaam 1] Gaming Laptop |
€ 999,-- |
€ 4.995,-- (5 x € 999,--) |
|
[merknaam 2] Laptop |
€ 1.099,-- |
€ 230.790,-- (210 x € 1.099,--) |
|
[merknaam 3] Laptop [nummer 3] |
€ 699,-- |
€ 124.422,-- (178 x € 699,--) |
|
[merknaam 3] Laptop [nummer 4] |
€ 600,-- |
€ 62.910,-- (90 x € 600,--) |
|
[merknaam 3] Laptop [nummer 5] |
€ 729,-- |
€ 174.960,-- (240 x € 729,--) |
|
[merknaam 4] Display |
€ 219,-- |
€ 3.285,-- (15 x € 219,--) |
|
[merknaam 5] Convert [nummer 6] |
€ 549,-- |
€ 589.626,-- (1.074 x € 549,--) |
|
[merknaam 7] Chromebook [nummer 7] |
€ 249,-- |
€ 47.310,-- (190 x € 249,--) |
Dat maakt dat de consumentenprijs in totaal € 1.238.298,-- bedraagt.
Opbrengst
Van de weggenomen laptops zijn slechts twee exemplaren getraceerd. Een van deze laptops is door een koper gekocht via een website bij een rechtspersoon voor een min of meer marktconforme prijs. Er zijn in het dossier geen aanwijzingen dat veroordeelde of zijn mededaders schuilgaan achter deze rechtspersoon of rechtstreekse banden hebben met deze rechtspersoon. Het dossier bevat daarnaast aanwijzingen dat een groot gedeelte van de laptops naar Marokko is getransporteerd. Er zijn onvoldoende aanknopingspunten in het dossier om te kunnen vaststellen dat veroordeelde en zijn mededaders de laptops, al dan niet deels, voor de hiervoor beschreven consumentenprijzen aan derden hebben verkocht en tot die bedragen aan voordeel hebben verkregen. De rechtbank gaat ervan uit dat de inkoopwaarde van bovenvermelde producten in het ‘helingcircuit’ aanzienlijk lager is en zal daarbij, net als in de berekening van de politie, uitgaan van een inkoopwaarde van 25% van de consumentenprijs, nu de laptops in de originele, gesloten verpakking zijn weggenomen. Gelet daarop zal de rechtbank vaststellen dat het wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden geschat op € 309.574,50 (25% van 1.238.298,--).
Verdeling
In het veroordelend vonnis heeft de rechtbank bewezenverklaard dat sprake was van diefstal in vereniging met ten minste zes personen. De rechtbank zal het verkregen voordeel daarom pondspondsgewijs toerekenen, in die zin dat veroordeelde wordt veroordeeld tot betaling van één zesde deel van het verkregen voordeel, namelijk € 51.595,75.
5 De toegepaste wettelijke bepalingen
De beslissing is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
6 De beslissing
De rechtbank:
? stelt vast het bedrag waarop het door veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat op een bedrag van € 51.595,75 (zegge: eenenvijftigduizend vijfhonderdvijfennegentig euro en vijfenzeventig eurocent);
? legt de veroordeelde de verplichting op tot betaling aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van dit bedrag.
|
Deze uitspraak is gewezen door mr. C.H.M. Pastoors, voorzitter, mr. D.R. Sonneveldt en mr. T. Bertens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D. Waizy, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 14 juli 2020. |
||
|
mr. D.R. Sonneveldt is buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen. |
||