Strafrecht overig

Rechtbank Gelderland · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

Rechtbank Gelderland, 16 september 2025

Zaakgegevens

Op 16 september 2025 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
16 september 2025
Datum publicatie
17 februari 2026
Zaaknummer
05/103248-23 ont.
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2025:11831
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Ontneming

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Tegenspraak

Parketnummer: 05.103248.23 (ontneming)

Datum uitspraak : 16 september 2025

uitspraak van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[veroordeelde] ,

geboren op [geboortedatum] 1972 in [geboorteplaats] ,

wonende aan [adres] ,

Raadsman: mr. C.D.A.J. Majoie, advocaat in Arnhem.

1 De inhoud van de vordering

De officier van justitie vordert dat de rechtbank het bedrag vaststelt waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e, vijfde lid, van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en dat de veroordeelde de verplichting wordt opgelegd tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel, welk voordeel door de officier van justitie is geschat op € 71.630,63.

2 De procedure

De zaak is op een openbare terechtzitting onderzocht.

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gepersisteerd bij de vordering.

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden afgewezen, nu integrale vrijspraak is bepleit.

3 De beoordeling van de vordering

Bij vonnis van heden is verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten waarop de officier van justitie de vordering heeft gebaseerd.

Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de vordering moet worden afgewezen.

4 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.

5 De beslissing

De rechtbank:

- wijst de vordering van de officier van justitie af.

Aldus gegeven door mr. J.S.W. Lucassen (voorzitter), mr. W.H.S. Duinkerke en mr. C.L.A. van der Veeken, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.J.A. Dams, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 16 september 2025.

Mr. C.L.A. van der Veeken is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.