Strafrecht overig
Tussenvonnis. De rechtbank kan in deze zaak op dit moment niet tot een einduitspraak komen, omdat zij zich…
Rechtbank Midden-Nederland, 4 augustus 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:5393 · Rechtbank Midden-Nederland · 4 augustus 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbmne-2026-5393
Zaakgegevens
Op 4 augustus 2026 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Lelystad
- Datum uitspraak
- 4 augustus 2026
- Datum publicatie
- 11 augustus 2026
- Zaaknummers
- 16/030092-26, 16/019724-26, 16/038997-26, 16/08426
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2026:5393
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Tussenvonnis. De rechtbank kan in deze zaak op dit moment niet tot een einduitspraak komen, omdat zij zich onvoldoende voorgelicht vindt over de persoon van de verdachte, over de mate waarin de feiten aan hem kunnen worden toegerekend en over de eventuele juridisch(e) kader(s) waarbinnen recidivebeperkende interventies gerealiseerd kunnen worden. Psychiatrisch en psychologisch onderzoek dient plaats te vinden naar de persoon van de verdachte en daarvan dienen rapporten te worden opgemaakt. De rechtbank heropent het onderzoek.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Lelystad
Parketnummers: 16/030092-26; 16/019724-26; 16/038997-26; 16/084264-26 (ttz gevoegd);
16/132333-25 (vord. tul); 13/174907-25 (vord. tul)
Tegenspraak
Tussenvonnis van de meervoudige kamer van 4 augustus 2026 in de strafzaak van:
[verdachte] ,
geboren op [1997] in [geboorteplaats] (Frans-Guyana),
gedetineerd in de [verblijfplaats] ,
(hierna: de verdachte).
1 Zitting
De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 28 juli 2026.
Op de zitting waren aanwezig:
-
de verdachte;
-
de officier van justitie: mr. C.C. van Ravenhorst;
-
de advocaat van de verdachte: mr. A. Derks (hierna: de advocaat).
2 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:
parketnummer 16/030092-26
feit 1
op 26 januari 2026 in Dronten ruiten van [slachtoffer] en/of OFW heeft vernield;
feit 2
in de periode van 19 tot en met 26 januari 2026 in Dronten [slachtoffer] heeft gestalkt;
feit 3
op 26 januari 2026 in Dronten heeft gehandeld in strijd met een locatie- en contactverbod;
feit 4
op 18 januari 2026 in Almere brand heeft gesticht, terwijl daardoor gevaar voor het pand aan de [adres] en/of andere goederen te duchten was;
parketnummer 16/019724-26
op 19 januari 2026 in Dronten ruiten/ramen van Oost Flevoland woondiensten en/of [slachtoffer] heeft vernield;
parketnummer 16/038997-26
op 7 februari 2026 in Almere heeft ingebroken bij Ici Paris en daarbij een aantal parfums heeft gestolen;
parketnummer 16/084264-26
op 21 maart 2026 in Almere een of meer ruiten van Ici Paris XL heeft vernield.
De volledige tekst van de beschuldiging staat in de bijlage bij dit vonnis.
3 Hervatting van het onderzoek
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten heeft gepleegd.
In het kader van de op te leggen straf heeft de officier van justitie benoemd dat onzeker is of in een later stadium een zorgmachtiging zal worden afgegeven, maar dat het goed zou zijn als dit gebeurt. Wel is hiervoor het één en ander in gang gezet door het Verplichte Zorgteam van het Openbaar Ministerie. De officier van justitie heeft geëist dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden met aftrek van het voorarrest. Ook heeft de officier van justitie geëist dat aan de verdachte wordt opgelegd een contactverbod met [slachtoffer] en een locatieverbod voor de woning van [slachtoffer] als vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38v Wetboek van Strafrecht. De officier van justitie heeft geëist dat deze maatregel direct na de uitspraak ingaat (dadelijk uitvoerbaar is).
Standpunt van de verdediging
De advocaat heeft geen verweer gevoerd over het bewijs. De verdachte heeft de feiten ter zitting bekend.
De advocaat heeft bepleit om aan de verdachte een gevangenisstraf van 12 weken met aftrek van het voorarrest op te leggen. Zij heeft daartoe aangevoerd dat de verdachte ten behoeve van de voorbereiding van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging heeft gesproken met een onafhankelijke psychiater en dat de doorlooptijd van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging 6 tot 8 weken bedraagt. Als het verzoekschrift binnen afzienbare tijd wordt ingediend, kan voor het einde van de detentie van de verdachte op het verzoekschrift worden besloten.
Indien de rechtbank overweegt om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen die langer is dan 12 weken, heeft de advocaat (in de vorm van een voorwaardelijk verzoek) verzocht om de behandeling van de zaak aan te houden tot het moment dat er duidelijkheid bestaat over de zorgmachtiging.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank kan in deze zaak op dit moment niet tot een einduitspraak komen. De rechtbank is bij de beraadslaging tot de conclusie gekomen onvoldoende geïnformeerd te zijn over de persoon van de verdachte. De rechtbank overweegt hierbij het volgende.
In het reclasseringsrapport van Tactus Reclassering Flevoland van 4 juni 2026 wordt benoemd dat er sprake is van complexe problematiek, waarbij psychiatrische problemen en middelengebruik voorliggend lijken. Het recidiverisico wordt als hoog ingeschat. Ook wordt benoemd dat de verdachte in het verleden een crisismaatregel en zorgmachtiging heeft gehad. De verdachte heeft meerdere trajecten binnen de psychiatrische zorg doorlopen, maar deze zijn tot nu toe ontoereikend gebleken. Het Zorg- en Veiligheidshuis acht een langdurige observatie, het stellen van diagnoses en het opstellen van een passend behandelplan van belang. De reclassering concludeert dat een dergelijk traject een klinische start zou moeten hebben. Geadviseerd wordt om het huidige traject, waarin geprobeerd zal worden om een zorgmachtiging aan te vragen, voort te zetten en om een straf zonder bijzondere voorwaarden op te leggen.
De officier van justitie heeft een mailwisseling aan het dossier toegevoegd waaruit volgt dat de verdachte recent heeft gesproken met een psychiater in het kader van de voorbereiding van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging. Deze onafhankelijke psychiater zou een positieve verklaring ten behoeve van een zorgmachtiging hebben afgegeven. Op de zitting heeft de officier van justitie aangevuld dat het Openbaar Ministerie deze positieve verklaring nog niet op schrift heeft ontvangen. De rechtbank begrijpt dat de officier van justitie nog geen medische verklaring in de zin van artikel 5:11 van de Wet verplichte gezondheidszorg heeft ontvangen en dat er nog geen verzoekschrift tot zorgmachtiging is ingediend. Of dit uiteindelijk zal leiden tot het afgeven van een zorgmachtiging, is nog onduidelijk.
De rechtbank concludeert onvoldoende geïnformeerd te zijn over de persoon van de verdachte, over de mate waarin de feiten aan hem kunnen worden toegerekend en over de eventuele juridisch(e) kader(s) waarbinnen recidivebeperkende interventies gerealiseerd kunnen worden. De rechtbank is van oordeel dat psychiatrisch en psychologisch onderzoek dient plaats te vinden naar de persoon van de verdachte en dat daarvan rapporten dienen te worden opgemaakt.
Gelet op de door de reclassering omschreven complexe problematiek van de verdachte, kan de rechtbank zonder deze informatie niet tot een einduitspraak komen en is het onderzoek op de zitting niet volledig geweest. De rechtbank zal daarom het onderzoek heropenen en direct schorsen.
De rechtbank stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank, om het NIFP de opdracht te geven tot het benoemen van een psycholoog en een psychiater en deze rapportages te laten opmaken, waarna het onderzoek op een nader te bepalen zitting – zo mogelijk in dezelfde samenstelling – zal worden voortgezet.
4 De beslissing
De rechtbank heropent het onderzoek en schorst dit terstond een periode langer dan een maand, maar niet langer dan drie maanden, om de klemmende redenen dat niet te verwachten valt dat het psychiatrisch en psychologisch onderzoek en het uitbrengen van rapportages eerder gereed zullen zijn en verder de zittingscapaciteit van de rechtbank hervatting van het onderzoek binnen een maand na heden niet toelaat.
De rechtbank stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris om uitvoering te geven aan hetgeen hiervoor is omschreven.
De rechtbank:
-
beveelt de oproeping van de verdachte en zijn advocaat tegen het tijdstip waarop het onderzoek op zitting zal worden hervat;
-
beveelt het slachtoffer [slachtoffer] in kennis te stellen van de datum en het tijdstip van de nader te bepalen zitting.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.F. Hammerle, voorzitter, mrs. T. van Haaren-Paulus en F.D.M. Osinga, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.T. Brassé, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 4 augustus 2026.
Bijlage: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat hij:
parketnummer 16/030092-26
feit 1
op of omstreeks 26 januari 2026 te Dronten opzettelijk en wederrechtelijk een of meerdere ruiten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer] en/of OFW, toebehoorde heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
feit 2
in of omstreeks de periode van 19 januari 2026 tot en met 26 januari 2026 te Dronten, althans in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] , door meermalen, althans eenmaal
- bij de woning van die [slachtoffer] langs te gaan,
- een of meerdere ruiten te vernielen om zich toegang te verschaffen tot de woning van die [slachtoffer] , en/of
- (vervolgens) in weerwil van die [slachtoffer] in de woning te vertoeven, met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;
feit 3
op of omstreeks 26 januari 2026 te Dronten opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van strafvordering, te weten de gedragsaanwijzing d.d. 20 januari 2026, gegeven door de officier van justitie te Midden-Nederland door
- contact te hebben met [slachtoffer] , en/of
- zich te bevinden in de nabijheid van en/of in de woning gelegen aan de [adres] ;
feit 4
op of omstreeks 18 januari 2026 te Almere opzettelijk brand heeft gesticht, door open vuur in aanraking te brengen met een kast, terwijl daarvan gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten het pand gelegen aan de [adres] , en/of andere in dat pand/die kamer aanwezige goederen te duchten was;
parketnummer 16/019724-26
op of omstreeks 19 januari 2026 te Dronten, opzettelijk en wederrechtelijk ruiten/ramen, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan Oost Flevoland woondiensten en/of [slachtoffer] , toebehoorde heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
parketnummer 16/038997-26
op of omstreeks 7 februari 2026 te Almere een aantal parfums, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan winkelbedrijf Ici Paris, in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of die weg te nemen parfums onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak/verbreking;
parketnummer 16/084264-26
op of omstreeks 21 maart 2026 te Almere opzettelijk en wederrechtelijk meerdere, althans een, ruit(en), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan Ici Paris XL, toebehoorde heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt.