Civiel recht overig

Civiel, verstek, niet-ontvankelijk, artikel 111 Rv dient een verzoekschrift onder meer de namen van de…

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 25 maart 2026

Zaakgegevens

Op 25 maart 2026 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Datum uitspraak
25 maart 2026
Datum publicatie
20 april 2026
Zaaknummer
AUA202501518 AR
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:OGEAA:2026:99
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Civiel, verstek, niet-ontvankelijk, artikel 111 Rv dient een verzoekschrift onder meer de namen van de eisende partijen te vermelden, benoeming van een bewindvoerder is extra-judiciële procedure (EJ-procedure).

Uitspraak

Vonnis van 25 maart 2026

Behorend bij AUA202501518 AR

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA

VONNIS

in de zaak van:

1. [Eiser 1],

2. [Eiser 2],

3. [Eiser 3],

4. [Eiser 4],

5. [Eiser 5],

eisers, gemachtigde: de advocaat mr. S.A. Kock,

tegen:

[Gedaagde], zonder bekende woon- en/of verblijfplaats,

gedaagde, niet verschenen.


In het verzoekschrift is/zijn eiser(s) sub 5 aangeduid als “e.a.”. Deze aanduiding impliceert dat sprake is van eisers die niet bij naam zijn aangeduid. Op grond van artikel 111 Rv dient een verzoekschrift onder meer de namen van de eisende partijen te vermelden. Nu daaraan niet is voldaan, zullen eisers niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen.

Ten overvloede overweegt het Gerecht dat de vordering tot machtiging tot het te gelde maken van het perceel, plaatselijk bekend als [adres], ook niet voor toewijzing gereed zou liggen indien eisers wel ontvankelijk zouden zijn geweest. Eisers hebben immers niet gesteld aan wie de gevraagde machtiging zou moeten worden verleend.

Voorts geldt dat de vordering tot benoeming van een bewindvoerder op grond van artikel 1:409 BW niet kan worden ingesteld in een algemene rechtszaakprocedure (AR-procedure), maar slechts in een extra-judiciële procedure (EJ-procedure). Reeds daarom zou deze vordering eveneens tot niet-ontvankelijkheid hebben geleid.

RECHT DOENDE BIJ VERSTEK:

- verklaart eisers niet-ontvankelijk in hun vorderingen.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 25 maart 2026 in aanwezigheid van de griffier.