Parketnummer: P-2025/01466
Zaaknummer: 509 van 2025
Uitspraak van: 6 februari 2026
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de strafzaak tegen de verdachte:
[Verdachte],
geboren op [geboortedatum] 2005 in [geboorteplaats],
wonende in [woonplaats], [adres],
thans gedetineerd in het [detentieplaats],
hierna: de verdachte.
1
Onderzoek ter terechtzitting
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 16 januari 2026.
Ter terechtzitting waren aanwezig de officier van justitie mr. Z.J.E. Paesch, de verdachte en zijn raadsvrouw, mr. D.G. Croes, advocaat in Aruba.
Het slachtoffer [slachtoffer 1] was eveneens ter terechtzitting aanwezig. De overige slachtoffers zijn niet ter terechtzitting verschenen.
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
1.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meerdere goudkleurige halsketting(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken/wegrukken aan/van de halsketting van die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3];
2.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een zilveren halsketting (met diamanten steentjes) en/of een polshorloge, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken aan de halsketting en/of polshorloge van die [slachtoffer 4] en/of meermalen, althans eenmaal met de vuist in het gezicht en/of het achterhoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 4] slaan en/of het meermalen, althans eenmaal (met geschoeide voet) schoppen tegen het lichaam van die [slachtoffer 4],
3.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een gouden halsketting (van 14 karaat) met een gouden hanger, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken aan de halsketting van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans eenmaal in het gezicht en/of met een voorwerp tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] te slaan;
4.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een vuurwapen en/of munitie, te weten een vuistvuurwapen, zilver van kleur met een zwart handvat, in elk geval een vuurwapen en/of munitie als bedoeld in artikel 3 eerste lid van de Vuurwapenverordening, voorhanden heeft gehad.
Overwegingen
4
Beoordeling van het bewijs
4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten, met uitzondering van dat onderdeel “en/of een polshorloge” in feit 2, waar (partieel) vrijspraak voor is gevorderd.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft geen bewijsverweren gevoerd en is het met de officier van justitie eens dat voor het onderdeel “en/of een polshorloge” in feit 2 (partieel) vrijspraak moet volgen.
4.3
Het oordeel van het Gerecht
Met de officier van justitie en de verdediging is het Gerecht van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte ten aanzien van feit 2 een polshorloge heeft gestolen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering van dit onderdeel van de tenlastelegging zal worden vrijgesproken.
Verder is het Gerecht van oordeel dat ten aanzien van de onder 1 tot en met 3 ten laste gelegde feiten niet wettig en overtuigend is bewezen dat sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de medeverdachten [medeverdachte 1], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3]. Niet is gebleken dat er sprake was van een gemeenschappelijk plan om de diefstallen te plegen, laat staan met geweld. Het Gerecht zal de verdachte daarom hiervan vrijspreken.
4.4
Bewezenverklaring
Het Gerecht acht - op grond van de hierna weergegeven bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang beschouwd - wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder feiten 1 tot en met 4 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande:
1.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meerdere goudkleurige halsketting(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken/wegrukken aan/van de halsketting van die [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3];
2.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een zilveren halsketting (met diamanten steentjes) en/of een polshorloge, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken aan de halsketting en/of polshorloge van die [slachtoffer 4] en/of meermalen, althans eenmaal met de vuist in het gezicht en/of het achterhoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 4] slaan en/of het meermalen, althans eenmaal (met geschoeide voet) schoppen tegen het lichaam van die [slachtoffer 4],
3.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een gouden halsketting (van 14 karaat) met een gouden hanger, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit, het trekken aan de halsketting van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans eenmaal in het gezicht en/of met een voorwerp tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] te slaan;
4.
dat hij op of omstreeks 3 augustus 2025 in Aruba tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een vuurwapen en/of munitie, te weten een vuistvuurwapen, zilver van kleur met een zwart handvat, in elk geval een vuurwapen en/of munitie als bedoeld in artikel 3 eerste lid van de Vuurwapenverordening, voorhanden heeft gehad;
Het Gerecht acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat hij daarvan wordt vrijgesproken.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd (cursief). De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
4.5
Bewijsmiddelen
(Voetnoot 1)
Het Gerecht grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, op de feiten en omstandigheden die in de hierna volgende bewijsmiddelen zijn vervat en redengevend zijn voor de bewezenverklaring.
Daarbij wordt opgemerkt dat ieder bewijsmiddel, ook in zijn onderdelen, slechts wordt gebruikt tot bewijs van dat bewezen verklaarde feit, of die bewezen verklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.
Nu de verdachte het ten laste gelegde feit heeft bekend en er ter terechtzitting geen vrijspraak is bepleit, volstaat het Gerecht met een opsomming van de bewijsmiddelen:
De bekennende verklaring van de verdachte, op 16 januari 2026 afgelegd tijdens het onderzoek ter terechtzitting;
Proces-verbaal 2e verhoor verdachte [verdachte] d.d. 12 augustus 2025, bijlage 14.9 van het dossier;
Proces-verbaal aangever [slachtoffer 2] d.d. 4 augustus 2025, met bijlagen waaronder een foto van een ketting en een foto van masnoticia, bijlage 2.1 van het dossier;
Proces-verbaal aangifte diefstal met geweld [slachtoffer 3] d.d. 4 augustus 2025, bijlage 2.2 van het dossier;
Proces-verbaal van aangifte aangever [slachtoffer 4] d.d. 3 augustus 2025, met bijlagen waaronder medische verslagen, bijlage 3.1 van het dossier;
Proces-verbaal bevinding videobeelden “Papia Mia Restaurant” d.d. 11 augustus 2025, bijlage 10.1 van het dossier;
Proces-verbaal aangever [slachtoffer 1] d.d. 3 augustus 2025, met bijlagen waaronder een medisch verslag, bijlage 4.1 van het dossier;
Proces-verbaal onderzoek vuurwapen, patronen en huls in verband met beroving d.d. 2 september 2025, bijlage 17.1 van het dossier.
8
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De op te leggen straf is, behalve op de reeds aangehaalde wettelijke voorschriften, gegrond op de artikelen 1:19, 1:20, 1:21, 1:136 en 1:123 van het Wetboek van Strafrecht van Aruba.
DE BESLISSING
Het Gerecht:
verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3 en 4 tenlastegelegde, zoals hiervoor bewezen geacht, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;
kwalificeert het bewezenverklaarde als hiervoor omschreven;
verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en de verdachte daarvoor strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de zesendertig [36] maanden;
bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, groot acht [8] maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte, dan als veroordeelde, zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt bepaald op drie [3] jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of gedurende de proeftijd de hierna te melden bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
stelt als bijzondere voorwaarde dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, te geven door of namens de Stichting Reclassering Aruba, zulks zolang deze instelling dat gedurende de proeftijd nodig oordeelt en ook als dat inhoudt het verlenen van medewerking aan een gedragsinterventie gericht op emotieregulatie, probleeminzicht en impulscontrole, begeleiding gericht op het versterken van pro-sociale vaardigheden en het verbeteren van de relatie met moeder, monitoring van middelengebruik en sociale omgeving;
geeft de reclassering opdracht de veroordeelde begeleiding te bieden bij en toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden;
beveelt dat de tijd die door de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht;
gelast de teruggave aan de rechthebbenden van de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:
vier gouden halskettingen;
één gouden hanger;
één gouden ringvinger;
één doorzichtig plastic zakje erin inhoudende een hoeveelheid gouden restjes.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.L. Gerrits, rechter, bijgestaan door mr. S.M. Eman, (zittingsgriffier), en op 6 februari 2026 in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit gerecht.