Belastingrecht

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

Zaakgegevens

Op 8 december 2023 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over belastingrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 december 2023
Datum publicatie
6 december 2023
Zaaknummer
23/02236
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1706
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

Procesgang

  1. Rechtbank Gelderland · 13 april 2021

    ECLI:NL:RBGEL:2021:2129
  2. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 11 april 2023

    ECLI:NL:GHARL:2023:3035

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Hoge Raad · 8 december 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:1706

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 23/02236

Datum 8 december 2023

ARREST

op het door [X] (hierna: belanghebbende) ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 11 april 2023, nr. 21/00603.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De griffier van het Hof heeft op de uitspraak van het Hof aangetekend dat een afschrift van die uitspraak aangetekend aan partijen is verzonden op 12 april 2023.

Het beroepschrift in cassatie is op 5 juni 2023 via het webportaal van de Hoge Raad ontvangen.

Het beroepschrift in cassatie is dus niet ingediend binnen de in artikel 6:7 Awb gestelde termijn van zes weken, die in dit geval eindigde op 24 mei 2023.

De griffier van de Hoge Raad heeft op 7 augustus 2023 in het digitaal dossier van belanghebbende een bericht geplaatst waarbij belanghebbende in de gelegenheid wordt gesteld binnen vier weken mee te delen waarom de beroepstermijn is overschreden. Van de plaatsing van het hiervoor vermelde bericht in het digitaal dossier van belanghebbende is eveneens op 7 augustus 2023 een kennisgeving verzonden naar het door belanghebbende voor dit doel opgegeven e-mailadres. Op grond hiervan neemt de Hoge Raad aan dat belanghebbende dit bericht heeft ontvangen, en wel, gelet op artikel 8:36c, lid 2, Awb, op 7 augustus 2023. Belanghebbende heeft niet gereageerd.

Het beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 8 december 2023.

ECLI:NL:GHARL:2023:3035.