Burgerlijk procesrecht
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Gezag van gewijsde (art. 236 Rv). Vordering gebaseerd op andere grondslag.
Hoge Raad, 18 juli 2025
ECLI:NL:HR:2025:1160 · Hoge Raad · 18 juli 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2025-1160
Zaakgegevens
Op 18 juli 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 juli 2025
- Datum publicatie
- 17 juli 2025
- Zaaknummer
- 24/03747
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- J.P. van den Berg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:1160
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Gezag van gewijsde (art. 236 Rv). Vordering gebaseerd op andere grondslag.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 9 juli 2024
ECLI:NL:GHSHE:2024:2208Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 juni 2025
ECLI:NL:PHR:2025:635Hoge Raad · 18 juli 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:1160
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 24/03747
Datum 18 juli 2025
ARREST
In de zaak van
[eiseres],
wonende te [plaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [eiseres],
advocaat: J.P. van den Berg,
tegen
[Vereniging van Eigenaren],
gevestigd te [plaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de VvE,
niet verschenen.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 8773715 CV EXPL 20-3347 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 2 december 2020, 15 december 2021 en 6 juli 2022;
b. het arrest in de zaak 200.325.962/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 9 juli 2024.
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de VvE is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F. Ibili strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de VvE begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 18 juli 2025.