Brandstichting aan partytent in tuin van buren waardoor woning van buren en woning van verdachte zijn verbrand, art. 157.1 en 157.2 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Redelijke termijn in cassatie. Verkorte termijn of reguliere termijn toepassen m.b.t. inzendtermijn en uitspraaktermijn, nu hof in zijn arrest de gevangenneming van verdachte heeft bevolen? 2. Schriftuur benadeelde partij. Aanvangsdatum van wettelijke rente over toegewezen bedrag voor aanschaf van nieuwe kleding. Belang bij cassatie?
Ad 1. Onder overschrijding van redelijke termijn is mede begrepen overschrijding van termijn voor het inzenden van stukken naar HR nadat cassatieberoep is ingesteld. Die inzendtermijn is gesteld op 8 maanden. Inzendtermijn wordt op 6 maanden gesteld in (onder meer) zaken waarin verdachte i.v.m. zaak in voorlopige hechtenis verkeert (vgl. HR:2008:BD2578). Voor vraag of verdachte in voorlopige hechtenis verkeert, is beslissend datum waarop cassatieberoep is ingesteld.
Verdachte bevond zich t.t.v. het instellen van cassatieberoep niet in voorlopige hechtenis. Op dag van inzending van stukken waren nog geen 8 maanden verstreken sinds het instellen van cassatieberoep. Wat betreft duur van cassatieprocedure is van belang datum waarop aanzegging door HR a.b.i. art. 435 Sv aan verdachte is betekend. Op die datum bevond verdachte zich o.g.v. de door hof bevolen gevangenneming wel in voorlopige hechtenis. HR doet uitspraak nadat meer dan 16 maanden zijn verstreken na het instellen van cassatieberoep. Dat brengt mee dat redelijke termijn a.b.i. art. 6.1 EVRM is overschreden.
HR merkt op dat, vanwege uiteenlopende aard van betreffende procedures, voor beoordeling van redelijke termijn in feitelijke instantie enigszins andere uitgangspunten gelden dan voor beoordeling van redelijke termijn in cassatieprocedure. Uitgangspunten die van belang zijn m.b.t. procedure in feitelijke instantie, zijn uiteengezet in HR:2025:1775.
HR vermindert opgelegde gevangenisstraf van 54 maanden met 1 maand. CAG gaat zowel t.a.v. inzendtermijn als t.a.v. uitspraaktermijn uit van verkorte termijnen.
Ad 2. HR: art. 81.1 RO.