Rechtbank Den Haag, vereenvoudigde behandeling vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2026:16091

Op 15 June 2026 heeft de Rechtbank Den Haag een vereenvoudigde behandeling procedure behandeld op het gebied van vreemdelingenrecht, wat onderdeel is van het bestuursrecht. Het zaaknummer is NL26.14288, bekend onder identificatienummer ECLI:NL:RBDHA:2026:16091. De plaats van zitting was Groningen.

Soort procedure:
Instantie:
Zaaknummer(s):
NL26.14288
Datum uitspraak:
15 June 2026
Datum publicatie:
15 June 2026

Indicatie

Dublin, plakvovo, 8:83, derde lid, vovo afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.14288

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , verzoeker,

geboren op [geboortedatum] ,

van Algerijnse nationaliteit,

V-nummer: [nummer] ,

(gemachtigde: mr. M.S. Dunant Maurits),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Inleiding

1. Bij besluit van 13 maart 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling ervan.

1.1.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. (Voetnoot 1) Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

Overwegingen

2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb (Voetnoot 2) uitspraak zonder zitting.

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.14287, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoot

Voetnoot 1

NL26.14287.

Voetnoot 2

Algemene wet bestuursrecht.