Rechtbank Den Haag, vereenvoudigde behandeling vreemdelingenrecht

ECLI:NL:RBDHA:2026:5643

Op 17 March 2026 heeft de Rechtbank Den Haag een vereenvoudigde behandeling procedure behandeld op het gebied van vreemdelingenrecht, wat onderdeel is van het bestuursrecht. Het zaaknummer is NL26.720, bekend onder identificatienummer ECLI:NL:RBDHA:2026:5643. De plaats van zitting was Groningen.

Soort procedure:
Instantie:
Zaaknummer(s):
NL26.720
Datum uitspraak:
17 March 2026
Datum publicatie:
17 March 2026

Indicatie

bnt, asiel

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.720

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres,

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),

mede namens de minderjarige kinderen:

[naam], geboren op [geboortedatum],

[naam] , [geboortedatum],

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingediend, omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van 20 maart 2025.

1.1.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. (Voetnoot 1)

Overwegingen

Beoordeling door de rechtbank

Is het beroep ontvankelijk en kennelijk gegrond?

2. De rechtbank stelt vast dat eiseres op 6 januari 2026 opnieuw beroep heeft ingesteld terwijl de nadere beslistermijn van zestien weken zoals bepaald door de rechtbank in de uitspraak van 30 december 2025 (NL25.60501) nog niet was verstreken. Het beroep is te vroeg en dus prematuur ingediend en voldoet daarom niet aan de vereisten voor het indienen van een beroep tegen het niet tijdig beslissen. (Voetnoot 2)

Conclusie en gevolgen

3. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. De minister hoeft de proceskosten niet aan eiseres te vergoeden.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van

A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoot

Voetnoot 1

Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Voetnoot 2

Zoals bedoeld in artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.