Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 mei 2019 tot en met 9 juni 2020 te Voorhout, gemeente Teylingen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [adres 2] ) een hoeveelheid hennep, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte] en/of een of meer (onbekend gebleven) personen op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 mei 2019 tot en met 9 juni 2020 te Voorhout, gemeente Teylingen met elkaar, althans één van hen, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad in een pand aan [adres 2] een hoeveelheid hennep, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II,
tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 mei 2019 tot en met 9 juni 2020 te Voorhout, gemeente Teylingen, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door aan die [medeverdachte] en/of onbekend gebleven persoon/personen voornoemd pand voor de teelt/het kweken van hennepplanten ter beschikking te stellen.
2
Het proces-verbaal van aantreffen hennepkwekerij, opgesteld op 11 juni 2020 (p. 27-30);Op 9 juni 2020 traden wij de tussenwoning aan de
[adres 2] binnen.Het bleek dat op genoemd adres in twee separate ruimtes een in werking zijnde
hennepkwekerij met planten aanwezig was. Kweekruimte A bevond zich op de eerste etage van de woning. Wij zagen daar 353 hennepplanten. Kweekruimte B bevond zich op de zolder van de woning. Wij zagen daar 240 hennepplanten. Wij, verbalisanten, constateerden op grond van onze kennis en ervaring, opgedaan bij eerdere ontmantelingen van hennepkwekerijen, dat het hennepplanten waren.
Op de le verdieping, in een voormalige slaapkamer, zagen wij 2 gebruikte, vervuilde, cannacutters met hennepresten, 12 gebruikte, vervuilde, knipschaartjes met hennepresten, meerdere zwarte strijkzakken en 1 vervuilde strijkbout met hennepresten
3. Het proces-verbaal van bevindingen data onderzoek, opgesteld op (p. 425-429, 435):
In het onderzoek is er op dinsdag 9 juni 2020 een mobiele telefoon in beslaggenomen. Deze telefoon is eigendom van [medeverdachte] . Ik deed onderzoek in de veiliggestelde data en ben begonnen met de zaakgerelateerde Whatsapp en Facebook Messenger gesprekken.
Deelnemer: [verdachte] [telefoonnummer] .
Bij raadplegen van de politiesystemen bleek de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer] [verdachte] te zijn.
Voorblad 2:
Het gesprek begint op 8-12-2019 en de einddatum is 6-6-2020.
De naam [naam 1] komt veelvuldig voor in deze chat. Het is aannemelijk dat de naam [naam 1] gebruikt wordt als codewoord voor hennep, dan wel hennepplanten.
Pagina 3: [verdachte] : Ok morge beter toch dan kan je daarna [naam 1] ete geve
[medeverdachte] : Ok get them to bring the black strip for the door
[verdachte] : Ok is goed ga hem zegge
Pagina 79: [medeverdachte] : Next time [naam 2] comes get him to bring a voltmeter got a light out on the middle floor
[verdachte] : Ok is goed
Pagina 83: [verdachte] : Hoe is het met [naam 1] en hoe is het met jou. En de Corona
Pagina 85: [medeverdachte] : All god here / [naam 1] got fleas
[verdachte] : Is het vee / Veel
Pagina 86: [verdachte] : Dan stuur ik hem nu om te spuiten / Of morge. Wat is beter
[medeverdachte] : Morgen I have no medicine to spray with
[verdachte] : Ik kom zowiezo vanavond kijke. / Maar is het erg veel
Pagina 87: [medeverdachte] : Enough that there are condoms on some plants
[verdachte] : Ik kom vanavond eve schoonamke met de hand / heb je pak daar
[medeverdachte] : I have e used one
Pagina 92: [medeverdachte] : Clipping ons Wednesday and going to dry it here
[verdachte] : Wat zegje
Pagina 98: [verdachte] : Heb jij veel take Root nog
[medeverdachte] : Yes I have lots enough for 3 years
[verdachte] : Ik haal morge 1
Opmerking verbalisant:
TAKE ROOT heeft een groei stimulerende werking en wordt in het beginstadium van het kweken gebruikt.
Voorblad 8:
Pagina 3: Op 7-5-2019 stuurt [medeverdachte] : All moved in to my new place now
Pagina 4+7+8: Op 11-5-2019 Stuurt [medeverdachte] in totaal 5 foto's.
Opmerking verbalisant:
Ik, verbalisant, herken de woning/tuin op de foto's als de woning/tuin aan de [adres 2] .
3.4.
Bewijsoverwegingen
Medeplegen
De raadsvrouw heeft aangevoerd dat de verdachte heeft verklaard dat hij betrokken is geweest bij de hennepkwekerij, maar dat de vraag is welke rol hij daarbij heeft vervuld. Volgens de raadsvrouw blijkt uit het berichtenverkeer en het dossier niet dat de verdachte degene was die achter de hennepkwekerij zat. Uit het berichtenverkeer blijkt volgens haar dat door verdachte steeds boodschappen werd doorgegeven aan een andere persoon, voor wie hij in opdracht werkte en een oogje in het zeil hield bij de hennepkwekerij. De rol van de verdachte heeft volgens de raadsvrouw bestaan uit het ter beschikking stellen van de woning aan [medeverdachte] , het doorgeven van berichten aan [medeverdachte] die in de kwekerij werkte, en het af en toe gaan bekijken van de kwekerij. De verdachte heeft niet zelf gekweekt of geknipt en heeft daarom volgens de raadsvrouw geen actieve rol gehad, laat staan dat hij heeft samengewerkt met [medeverdachte] .
De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard wanneer is komen vast te staan dat daarbij sprake is geweest van nauwe en bewuste samenwerking. De intellectuele en/of materiële bijdrage van de verdachte aan het delict moet daarbij van voldoende gewicht zijn.
De rechtbank volgt de raadsvrouw niet in haar standpunt dat de verdachte geen actieve rol heeft gehad in de hennepkwekerij. Uit het berichtenverkeer tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte] blijkt dat de verdachte contact onderhield over de werkzaamheden in de hennepkwekerij en daarbij zaken regelde. Er werd veelvuldig gesproken over de gezondheid en verzorging van de planten. De verdachte gaf berichten en verzoeken door aan anderen en regelde dat benodigdheden zouden worden meegenomen. Zo informeerde hij naar de voorraad groeimiddel en gaf hij aan dit mee te zullen nemen. Toen zich een probleem voordeed met betrekking tot de toestand van de oogst, gaf de verdachte aan iemand te zullen sturen en ook zelf naar de woning te zullen komen.
De rechtbank volgt de raadsvrouw evenmin in haar standpunt dat uit het berichtenverkeer blijkt dat de verdachte steeds terugkoppelde aan een persoon aan wie hij ondergeschikt was. De rechtbank stelt op basis van het berichtenverkeer vast dat de verdachte opdrachten en verzoeken doorgaf aan anderen en zaken via anderen regelde. Daarbij blijkt niet van aansturing van bovenaf, in tegendeel. Naar het oordeel van de rechtbank is geen sprake van een slechts passieve of ondergeschikte rol.
Gelet op deze gedragingen, in onderlinge samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat de bijdrage van de verdachte aan het geheel van voldoende gewicht is geweest en dat sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en, in ieder geval, medeverdachte [medeverdachte] . Dat de verdachte niet alle uitvoeringshandelingen zelf heeft verricht maakt dat niet anders.
3.5.
De bewezenverklaring
De rechtbank is van oordeel dat het primair tenlastegelegde feit wettig en overtuigend is bewezen.
De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:
hij in de periode van 7 mei 2019 tot en met 9 juni 2020 te Voorhout, gemeente Teylingen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk heeft geteeld en bereid en bewerkt en verwerkt en opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [adres 2] ) een hoeveelheid hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II.
Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.
7
De toepasselijke wetsartikelen
De op te leggen straf is gegrond op de artikelen:
- 14 a, 14b, 14c, 47, 55 van het Wetboek van Strafrecht;
- 3, 11 van de Opiumwet, en de daarbij behorende lijst II.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.
verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5 bewezen is verklaard;
verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:
ten aanzien van feit 1, primair:
de eendaadse samenloop van
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met de in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met de in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;
verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot:
een gevangenisstraf voor de duur van 4 (VIER) MAANDEN;
bepaalt dat straf niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaar vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.
Dit vonnis is gewezen door
mr. B.J. van de Griend, voorzitter,
mr. J. Keltjens, rechter,
mr. C. Hofman, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. S.F. Schippers, griffier,
en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 29 september 2026.