3.1.
De verplichting tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel kan worden opgelegd aan degene die is veroordeeld wegens een strafbaar feit en die voordeel door dat feit of uit de baten daarvan heeft verkregen. Ook kan wederrechtelijk verkregen voordeel uit andere strafbare feiten worden ontnomen indien daarvoor voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door een veroordeelde zijn begaan.
3.4.
Bij de beoordeling van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel neemt de rechtbank als uitgangspunt de door de politie Oost-Nederland opgemaakte berekening (hierna: het rapport). (Voetnoot 2)
De in de – inzichtelijke en duidelijke – berekening gerelateerde feiten zijn door de rechtbank gecontroleerd aan de hand van de onderliggende stukken. De in het proces-verbaal getrokken conclusies zijn getoetst aan datzelfde materiaal.
3.5.
De uitgangspunten van de geschatte opbrengst van de verkoop van MDMA, cocaïne en 3-MMC en de inkoopkosten van deze drugs zijn in het rapport onderbouwd door te verwijzen naar het “Drugsprijzenoverzicht van het Cluster Synthetische Drugs van de Dienst Landelijke Recherche”. Die onderbouwing is naar het oordeel van de rechtbank voldoende. Er is geen reden om de inkoopkosten van de drugs naar boven bij te stellen, te meer nu is vast komen te staan dat veroordeelde in een periode van ruim 2 jaar stevig heeft gedeald in harddrugs.
Als geschatte inkoopprijs van 1 gram cocaïne zal €28,85,- worden gehanteerd.
Als geschatte inkoopprijs van 1 MDMA (XTC) pil zal €0,40,- worden gehanteerd.
Als geschatte inkoopprijs van 1 gram 3-MMC zal €1,85,- worden gehanteerd.
Geschat genoten wederrechtelijk voordeel
3.6.
De rechtbank heeft per getuige opgenomen hoeveel gram drugs er is ingekocht en welke opbrengst de veroordeelde daaruit heeft gegenereerd.
Getuige [getuige 1]
Uit de verklaring van getuige [getuige 1] blijkt dat hij vanaf begin 2022 tot november 2022 in totaal 12 gram 3-MMC, 60 XTC-pillen en 6 gram cocaïne heeft gekocht van de veroordeelde. De totale inkoopkosten bedragen €220,20,-. [getuige 1] verklaarde dat hij 6 maanden lang voor €40,- aan 3-MMC, €40,- aan XTC pillen en €50,- aan cocaïne kocht bij de veroordeelde per maand. Dit betreft een opbrengst van €780,-.
Getuige [getuige 2]
Uit de verklaring van getuige [getuige 2] blijkt dat zij vanaf maart 2022 tot maart 2023 in totaal 52 gram cocaïne en 52 gram 3-MMC heeft gekocht van de veroordeelde. De totale inkoopkosten bedragen €1604,20,- euro. [getuige 2] verklaarde dat zij 12 maanden lang voor €200,- aan cocaïne kocht per maand en €80,- per maand aan 3-MMC. Dit betreft een opbrengst van €3.640,-.
Getuige [getuige 3]
Uit de verklaring van getuige [getuige 3] blijkt dat hij van juli 2022 tot en met november 2022 in totaal 50 XTC pillen en 5 gram cocaïne heeft gekocht van de veroordeelde. De totale inkoopkosten bedragen €165,- euro. [getuige 3] verklaarde dat hij 5 maanden lang voor €40,- aan XTC pillen kocht per maand en voor €50,- per maand aan cocaïne. Dit betreft een opbrengst van €450,-.
Getuige [getuige 4]
Uit de verklaring van getuige [getuige 4] blijkt dat hij vanaf juli 2021 tot en met december 2022 in totaal 1140 gram 3-MMC en 510 XTC pillen heeft gekocht van de veroordeelde. De totale inkoopkosten bedragen €2313,-. [getuige 4] verklaarde dat hij 18 maanden lang voor €300,- aan 3-MMC kocht per maand en voor €100,- per maand aan XTC pillen. Daarnaast kocht hij ook 3 keer voor €125,- aan XTC pillen en 3 keer €800,- 3-MMC extra. Dit betreft een totale opbrengst van €9.975,-.
Getuige [getuige 5]
Uit de verklaring van getuige [getuige 5] blijkt dat hij vanaf december 2021 tot november 2022 in totaal 88 gram 3-MMC en 44 XTC-pillen heeft gekocht van de veroordeelde. De totale inkoopkosten bedragen €180,40,- euro. [getuige 5] verklaarde dat hij 11 maanden lang voor €160,- aan 3-MMC kocht en €20,- voor XTC. Dit betreft een totale opbrengst van €1.980,-.
De totale inkoopkosten bedragen volgens dit overzicht €4.483,-.
De totale opbrengsten bedragen volgens dit overzicht €16.825,-.
3.7
De rechtbank heeft verdachte onder feit 2 vrijgesproken van een deel van de ten laste gelegde periode, te weten van 1 juli 2021 tot 28 oktober 2021. Uit de getuigenverklaringen blijkt dat alleen getuige [getuige 4] vanaf juli 2021 3-MMC heeft gekocht bij de veroordeelde. De rechtbank zal daarom het aantal gekochte grammen en de opbrengst van 3-MMC naar rato aanpassen.
De periode van november 2021 tot en met december 2022 betreft 14 maanden. Het nieuwe ingekochte aantal grammen voor 3-MMC is met 14 maanden: 1140 : 18 x 14 = 886,66. De nieuwe inkoopkosten bedragen daarom: 886,66 gram x 1.85 per gram = €1.640,33,- voor 3-MMC. De totale inkoopkosten inclusief de XTC pillen bedragen €1.808,33-.
Voor de nieuwe opbrengst van 3-MMC geldt 14 maanden x 300 = €4.200,-. Daar bovenop kocht [getuige 4] 3 keer voor €800,- aan 3-MMC. Naar rato van 14 maanden berekend is dit €1.866,67,-. De totale opbrengst van de veroordeelde met de aangepaste periode betreft €6.066,67 + €1.775,- voor XTC pillen = €7.841,67,-.
De nieuwe totale inkoopkosten voor alle afnemers bedragen nu €3.978,33,-.
De nieuwe totale opbrengsten voor alle afnemers bedragen nu €14.691,67,-.
Op grond van de aangehaalde bewijsmiddelen is de rechtbank van oordeel dat veroordeelde wederrechtelijk voordeel heeft verkregen tot een bedrag van €10.713,34,- en zal hem veroordelen tot betaling van dit bedrag aan de Staat.