RECHTBANK
MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11719207 \ MC EXPL 25-3110
Vonnis van 4 februari 2026
STICHTING ACHMEA RECHTSBIJSTAND,
te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: SAR,
gemachtigde: Janssen & Janssen Gerechtsdeurwaarders,
[gedaagde] B.V.,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. J.B.M. Swart.
Overwegingen
Tussen [A] en [gedaagde] is een koop op afstand gesloten
3.1.
Partijen zijn het er over eens dat [A] op geen enkel moment in de winkel van [gedaagde] is geweest. [A] heeft [gedaagde] gebeld, partijen zijn overeengekomen dat [A] een specifieke Mercury buitenboordmotor koopt voor € 7.500,00, en [gedaagde] heeft [A] daarvan per WhatsAppbericht een bevestiging gestuurd. [gedaagde] schrijft: “Hi [A] , Zoals afgesproken. Mercury 60pk F60ELPT Incl opbouw en accu voor €7500,- Aanbetaling is €1000 en restant is €6500 bij aflevering”, gevolgd door een betaalverzoek voor de aanbetaling (Voetnoot 3). [gedaagde] lijkt te betogen dat hiermee geen koopovereenkomst zou zijn ontstaan, maar dat standpunt faalt. Tussen partijen stond op dat moment voldoende vast wat de kernpunten van de afspraak waren, namelijk de specifieke buitenboordmotor tegen een overeengekomen prijs. De koopovereenkomst is telefonisch gesloten.
3.2.
Voor de vraag of de koopovereenkomst ook voldoet aan de wettelijke definitie van koop op afstand (en daarmee een herroepingsrecht van toepassing is), is van belang of [gedaagde] beschikt over een ‘georganiseerd systeem’ voor haar verkoop. De kantonrechter oordeelt van wel. [gedaagde] beschikt over een website (Voetnoot 4) waarop zij haar artikelen aanbiedt, met daarbij de (doorgestreepte) prijzen en de melding “Bel voor de laagste prijs”. Op de website is een mogelijkheid om direct contact via WhatsApp te hebben. Kennelijk is dat een geautomatiseerd systeem, want in de WhatsAppcorrespondentie met [A] (Voetnoot 5) leest de kantonrechter een ogenschijnlijk geautomatiseerd antwoord, namelijk “Bedankt voor uw bericht. Buiten de openingstijden kan het iets langer duren voordat wij reageren, maar zullen uw bericht zo snel mogelijk beantwoorden.”. Ook kan via de website een contactformulier worden ingevuld en wordt een bezorgoptie geboden. Geïnteresseerden worden dus aangemoedigd om op afstand in contact te treden met [gedaagde] . De website is dus niet alleen maar een ‘uithangbord’, maar gaat verder. Dat de website geen webshop is waar kopers online kunnen bestellen, maakt dat niet anders. [gedaagde] voert wel aan dat een koop alleen maar wordt gesloten wanneer gegadigden in de winkel de spullen uitzoeken, maar dat heeft [gedaagde] in deze omstandigheden onvoldoende onderbouwd. De overeenkomst met [A] werd in ieder geval gemakkelijk via de telefoon gesloten, en de kantonrechter leest nergens in de correspondentie tussen [A] en [gedaagde] dat dit een uitzondering zou zijn (Voetnoot 6). [gedaagde] vermeldt ook zelf als activiteit in het uittreksel van de Kamer van Koophandel dat zij online handelt (“De handel In watersportartikelen en vrijetijdsartikelen via (online) winkels (…)) (Voetnoot 7).
3.3.
De slotsom is dat het verkoopsysteem van [gedaagde] voldoet aan de kenmerken van een georganiseerd systeem voor het sluiten van overeenkomsten op afstand. De koopovereenkomst tussen [A] en [gedaagde] is dus een koop op afstand in de wettelijke zin. De verklaring voor recht zal daarom worden toegewezen (Voetnoot 8).
Geen sprake van een uitzonderingssituatie
3.4.
[gedaagde] heeft nog aangevoerd dat de Yamaha- buitenboordmotor speciaal voor [A] besteld zou zijn en niet goed aan een ander verkocht zou kunnen worden. Volgens [gedaagde] zou de koop dan vallen onder een uitzonderingssituatie (Voetnoot 9). Maar SAR betwist dat de Yamaha-buitenboordmotor een speciaal geval zou zijn. Een dergelijke buitenboordmotor zou standaard zijn en te koop worden aangeboden bij meerdere webshops en winkels, voor vergelijkbare prijzen. Omdat [gedaagde] dat niet verder weerspreekt, gaat de kantonrechter daarvan uit. Het beroep van [gedaagde] op een uitzonderingssituatie slaagt daarom niet.
[gedaagde] moet de aanbetaling terugbetalen
3.5.
Omdat sprake is van een koop op afstand, heeft [A] zoals gezegd een herroepingsrecht. [gedaagde] betwist niet dat [A] dat recht tijdig heeft ingeroepen. De koop is dus ontbonden. [gedaagde] hoeft de buitenboordmotor niet meer te leveren en [A] hoeft de koopprijs niet te betalen. Hij heeft dus recht op terugbetaling van de aanbetaling.
3.6.
Ten overvloede merkt de kantonrechter op dat [gedaagde] de aanbetaling hoe dan ook terug had moeten betalen. Uit niets blijkt dat [gedaagde] wil dat [A] alsnog de koopovereenkomst nakomt of schade van [A] vordert. Ongeacht op welke manier, is de koopovereenkomst dus beëindigd. [gedaagde] heeft niets geleverd. Elke rechtsgrond voor [gedaagde] om de aanbetaling onder zich te houden ontbreekt.
3.7.
SAR vordert de wettelijke rente over de hoofdsom vanaf 30 maart 2024. Dat zal als onweersproken worden toegewezen.
3.8.
SAR vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten (€ 150,00). De vordering op dit punt voldoet aan de eisen van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) en wordt toegewezen.
3.9.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van SAR worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
148,04
- griffierecht
€
340,00
- salaris gemachtigde
€
270,00
(2 punten × € 135,00)
- nakosten
€
67,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
825,54
3.10.
De gevorderde wettelijke handelsrente over de proceskosten is niet toewijsbaar. Van een handelsovereenkomst is geen sprake. Als het mindere wordt wel de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW toegewezen over de proceskosten, op de wijze zoals vermeld in de beslissing.
Beslissing
4.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan SAR te betalen een bedrag van € 1.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 30 maart 2024, tot de dag van volledige betaling,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan SAR te betalen een bedrag van € 150,00 aan buitengerechtelijke kosten,
4.3.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 825,54, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.4.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
4.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
4.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.A. van Steenbeek en in het openbaar uitgesproken door mr. D.C.P.M. Straver op 4 februari 2026.