Rechtbank Noord-Nederland, eerste aanleg - enkelvoudig insolventierecht

ECLI:NL:RBNNE:2026:2890

Op 26 June 2026 heeft de Rechtbank Noord-Nederland een eerste aanleg - enkelvoudig procedure behandeld op het gebied van insolventierecht, wat onderdeel is van het civiel recht. Het zaaknummer is C/18/21/246 R, bekend onder identificatienummer ECLI:NL:RBNNE:2026:2890. De plaats van zitting was Groningen.

Soort procedure:
Rechtsgebied:
Zaaknummer(s):
C/18/21/246 R
Datum uitspraak:
26 June 2026
Datum publicatie:
16 July 2026

Indicatie

Saniet heeft bezwaar gemaakt tegen terugvordering bijstand door de gemeente. Erkent wel dat zij niet op haar eigen adres heeft gewoond. WSNP wordt verlengd teneinde een beslissing op het bezwaarschrift af te wachten.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie: Groningen

zaaknummer: C/18/21/246 R

vonnis d.d. 26 juni 2026

in de schuldsaneringsregeling van:

[schuldenares] , geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] ,

hierna te noemen de schuldenares.

Procesverloop

PROCESGANG

Bij vonnis van deze rechtbank van 29 december 2021 is de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van de schuldenares.

Bij beschikking van de rechter-commissaris van 11 juli 2023 is de looptijd van de schuldsaneringsregeling verlengd met 12 maanden.

Vervolgens is bij beschikking van de rechter-commissaris van 12 augustus 2025 de looptijd van de regeling nogmaals verlengd met 5 maanden.

Door de bewindvoerder, mevrouw [naam] , is op 14 maart 2026 schriftelijk verslag uitgebracht ten aanzien van de beëindiging van de schuldsaneringsregeling.

Op 30 maart 2026 heeft de bewindvoerder de rechter-commissaris nog schriftelijk nader geïnformeerd.

Op 30 april 2026 heeft een verificatievergadering plaatsgevonden in de schuldsaneringsregeling van de schuldenares.

De rechter-commissaris heeft de rechtbank vervolgens voorgedragen de schuldsaneringsregeling te beëindigen.

De zaak is behandeld ter zitting van 12 juni 2026, waarbij de schuldenares en de bewindvoerder zijn verschenen.

Overwegingen

RECHTSOVERWEGINGEN

De rechtbank dient te beoordelen of de schuldenares toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling. Ingeval van een toerekenbare tekortkoming zal de rechtbank vervolgens beoordelen of dat tot beëindiging van de schuldsaneringsregeling moet leiden onder onthouding van ‘de schone lei’.

Uit de verslagen van de bewindvoerder, het verhandelde ter zitting en de nadere informatie is het volgende gebleken.

De gemeente Stadskanaal heeft de schuldenares laten weten dat zij vanaf 5 februari 2026 niet langer een bijstandsuitkering aan de schuldenares zal verstrekken, en dat er sprake zal zijn van terugvordering van reeds verstrekte (bijzondere) bijstand. Dit omdat gebleken zou zijn dat de schuldenares gedurende verschillende periodes niet haar hoofdverblijf had op het door haar opgegeven adres. De schuldenares heeft inmiddels een advocaat ingeschakeld, die een bezwaarschrift tegen de terugvordering heeft ingediend.

De schuldenares heeft ter zitting verklaard dat zij wegens privé omstandigheden in maart 2025 bij haar ex-partner is gaan wonen. Door genoemde omstandigheden ontwikkelde de schuldenares een PTSS, en lukte het haar niet om in haar eigen woning te verblijven.

De bewindvoerder heeft ter zitting aangegeven dat afgewacht zal moeten worden of de terugvorderingen van de gemeente Stadskanaal terecht blijken te zijn. In dat geval is er namelijk sprake van nieuwe schulden, die het toekennen van een schone lei eventueel in de weg kunnen staan. De bewindvoerder stelt voor om de schuldsaneringsregeling te verlengen, teneinde verdere ontwikkelingen met betrekking tot genoemde terugvorderingen af te wachten.

De schuldenares heeft zich akkoord verklaard met een verlenging van haar schuldsaneringsregeling.

Op grond van het voorgaande zal de rechtbank de termijn waarop de schuldsaneringsregeling van toepassing is verlengen tot 29 december 2026, teneinde een beslissing op het namens de schuldenares ingediende bezwaarschrift af te wachten. De rechtbank zal de schuldenares daarbij vrijstellen van de reguliere verplichtingen, met uitzondering van de afdracht van het salaris van de bewindvoerder. De schuldenares zal voorts de bewindvoerder op de hoogte moeten houden van ontwikkelingen met betrekking tot het ingediende bezwaarschrift tegen de terugvorderingen van de gemeente Stadskanaal. Zodra daarover duidelijkheid is, kan zoveel eerder een verzoek om beëindiging van de schuldsaneringsregeling worden gedaan.

Gelet op het vorenstaande zal de rechtbank de voordracht afwijzen.

Beslissing

BESLISSING

De rechtbank:

- weigert de beëindiging van de schuldsaneringsregeling ten aanzien van de schuldenares;

- stelt de termijn waarop de schuldsaneringsregeling van de schuldenares van toepassing is vast op 60 maanden, te rekenen vanaf de dag van de uitspraak tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, die dag daaronder begrepen;

- bepaalt dat de schuldenares in de verlengingsperiode van de schuldsaneringsregeling wordt ontslagen van haar afdrachtverplichting aan de boedel, met uitzondering van het salaris van de bewindvoerder.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.S. Huizinga en in het openbaar uitgesproken op 26 juni 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.

Tegen deze uitspraak kan degene, aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, uitsluitend via een advocaat binnen acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden.