2.3.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank oordeelt dat bewezen is dat de verdachte mevrouw [slachtoffer] heeft gestalkt en dat hij de tenlastegelegde wapens en munitie opzettelijk voorhanden heeft gehad. De bewezenverklaring is gebaseerd op de bewijsmiddelen en de hiernavolgende bewijsmotivering. De bewezenverklaring staat in paragraaf 2.3.2. De bewijsmiddelen zijn opgenomen in bijlage 2.
2.3.1.
Bewijsmotivering
De rechtbank acht alle drie de ten laste gelegde feiten op grond van de in bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, wettig en overtuigend bewezen. De rechtbank zal de verdachte partieel vrijspreken voor feit 1, voor zover hem wordt verweten hondenpoep dan wel bankbiljetten op de auto van mevrouw [slachtoffer] te hebben gelegd, omdat er geen bewijsmiddelen zijn waaruit buiten redelijke twijfel kan worden afgeleid dat de verdachte dit heeft gedaan.
De raadsman heeft in zijn pleidooi nog de vraag opgeworpen of het wapen dat in de broeksband van de verdachte is aangetroffen wel het wapen is dat onder feit 2 is tenlastegelegd. De rechtbank is van oordeel dat uit de bewijsmiddelen wettig en overtuigend volgt dat het doorgeladen vuurwapen (pistool) dat in de broeksband van de verdachte is aangetroffen het onder feit 2 ten laste gelegde vuurwapen van het merk Blow Tr 17k betreft.
De omstandigheid dat, zoals de raadsman heeft aangevoerd, ten aanzien van het luchtdrukwapen dat onder feit 3 is ten laste gelegd niet is gespecificeerd op welk vuurwapen het lijkt, maakt niet dat sprake is van onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor het voorhanden hebben van een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie. Uit de bewijsmiddelen volgt immers dat het luchtdrukwapen is onderzocht en dat uit dit onderzoek is gebleken dat het een op een pistool gelijkend voorwerp betreft, waardoor sprake is van een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie. De rechtbank ziet geen reden om aan (de uitkomst van) dit onderzoek te twijfelen.
2.3.2.
Bewezenverklaring
Feit 1:
hij in de periode van 4 oktober 2024 tot en met 11 juni 2025 in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] , door (telkens)
die [slachtoffer] te bellen en
die [slachtoffer] (veelvuldig) (intimiderende, kwetsende, grievende en/of bedreigende) berichten toe te sturen en op het internet en/of social media berichten over die [slachtoffer] te plaatsen en
de ruitenwissers van de auto van die [slachtoffer] omhoog te zetten en
zich bij of in de nabije omgeving van de woning van die [slachtoffer] op te houden en die [slachtoffer] uit te schelden
(telkens) met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen.
Feit 2:
hij op 11 juni 2025 te ’s-Hertogenbosch een wapen van categorie III, onder 1° van de Wet wapens en munitie, te weten een (doorgeladen) vuurwapen (pistool), van het merk Blow Tr 17k, kaliber 9mm (goed 2352189) (zie pv PL2100-2024203387-66, pag 240) zijnde een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3°, gelet op artikel 2 lid 1 cat III onder 1° van de Wet Wapens en Munitie en
2 knalpatronen in het kaliber 9 mm P.A.K. voorzien van bodemstempel G.F.L. 9 mm P.A. Knall (goed 2352191) (pag 242) en
11 getransformeerde 9 mm P.A.K. patronen voorzien van bodemstempel G.F.L. 9 mm P.A. Knall (goed 2352290) (pag 242)
zijnde munitie in de zin van artikel 1 onder 4°, gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de wet wapens en munitie, voorhanden heeft gehad. Feit 3:
hij op 11 juni 2025 te ’s-Hertogenbosch wapens van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerpen die een ernstige bedreiging van personen konden vormen en die zodanig op een wapen geleken dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt waren, namelijk op bestaande vuurwapens gelijkend voorwerpen, zijnde
een luchtdrukwapen, merk Umarex inscriptie T.D.P. 4 (goed 2352257) (zie pv PL2100-202403387-61, pag 398) en
een airsoftwapen (merk G & G Armament, Taiwan, model GC Intermediate) gelijkend op een pistoolmitrailleur en zijnde een nabootsing die voor wat betreft de vorm en afmetingen sprekende gelijkenis vertoond met een automatisch vuurwapen merk Heckler & Koch, type HK416-D10RS (goed 2352253)(zie pv PL2100-2024203387-62, pag 403)
voorhanden heeft gehad.