Rechtbank Rotterdam, eerste aanleg - meervoudig strafrecht overig

ECLI:NL:RBROT:2026:11908

Op 25 August 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam een eerste aanleg - meervoudig procedure behandeld op het gebied van strafrecht overig, wat onderdeel is van het strafrecht. Het zaaknummer is 10.196993.23, bekend onder identificatienummer ECLI:NL:RBROT:2026:11908. De plaats van zitting was Rotterdam.

Soort procedure:
Instantie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer(s):
10.196993.23
Datum uitspraak:
25 August 2026
Datum publicatie:
14 September 2026

Indicatie

Er is onvoldoende bewijs dat de verdachte betrokken is geweest bij een afpersing dan wel diefstal met geweld met anderen in een woning. Hij wordt dus vrijgesproken.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam Zittingsplaats Rotterdam

Meervoudige kamer strafzaken

Parketnummer: 10.196993.23

Datum zitting en uitspraak: 25 augustus 2026

Tegenspraak

Verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 2002 in [geboorteplaats],

ingeschreven op het adres [adres], [postcode] te [plaatsnaam],

Advocaat van de verdachte: mr. P.T.P. van der Made

Officier van justitie: mr. M.J. Kruit

Benadeelde partij: [benadeelde partij]

Advocaat van de benadeelde partij: mr. K. Zech

Kern van het vonnis

Er is onvoldoende bewijs dat de verdachte betrokken is geweest bij een afpersing dan wel diefstal met geweld met anderen in een woning. Hij wordt dus vrijgesproken.

1
Tenlastelegging

De volledige tenlastelegging houdt in dat

hij op of omstreeks 15 april 2022 te Rotterdam tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag en/of een portemonnee met daarin 100 euro en/of een bankpas van die [slachtoffer] en/of een rijbewijs van die [slachtoffer] en/of een Iphone 11pro en/of een fles parfum en/of een tas merk Louis Vuitton en/of een trui merk Four en/of Sneakers merk Nike, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] en/of een derde

toebehoorde(n), door

- die [slachtoffer] naar een woning te lokken en/of laten komen en/of

- ( vervolgens) die [slachtoffer] naar binnen te trekken en op een bank te gooien en/of

- onder bedreiging van een mes die [slachtoffer] te dwingen om geld over te maken en/of

- die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen: 'dat ze hem dood zouden maken als hij geen geld ging overmaken' althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- een pistool tegen het hoofd van die [slachtoffer] te zetten en/of

- die [slachtoffer] meerdere malen althans eenmaal tegen het lichaam te slaan en/of schoppen en/of

- die [slachtoffer] met een mes in zijn pols te steken

en/of:

hij op of omstreeks 15 april 2022 te Rotterdam tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een portemonnee met daarin 100 euro en/of een bankpas van [slachtoffer] en/of een rijbewijs van die [slachtoffer] en/of een Iphone 11pro en/of een fles parfum en/of een tas merk Louis Vuitton en/of een trui merk Four en/of Sneakers merk Nike, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] toebehoorde(n), heeft weggenomen, met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld, tegen voornoemde [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken door:

- die [slachtoffer] naar een woning te lokken en/of laten komen en/of

- ( vervolgens) die [slachtoffer] naar binnen te trekken en op een bank te gooien en/of

- onder bedreiging van een mes die [slachtoffer] te dwingen om geld over te maken en/of

- die [slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen: 'dat ze hem dood zouden maken als hij geen geld ging overmaken' althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of

- een pistool of daarop gelijkend voorwerp tegen het hoofd van die [slachtoffer] te zetten en/of

- die [slachtoffer] meerdere malen althans eenmaal tegen het lichaam te slaan en/of schoppen en/of

- die [slachtoffer] met een mes in zijn pols/arm te steken.

2
Vrijspraak
2.1.

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld voor het feit, in die zin dat sprake is van medeplegen van diefstal met geweld. Het standpunt van de officier van justitie zal, voor zover van belang, bij de beoordeling van het bewijs worden besproken.

2.2.

Conclusie van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit voor het feit.

2.3.

Oordeel van de rechtbank

In de nacht van 15 april 2022 is [aangever] (hierna ook: aangever) naar een woning aan de [locatie] gegaan. In die woning is hij aangevallen door drie jongens, waarbij hij onder meer met een mes in zijn pols werd gestoken. De jongens zijn er daarna met zijn spullen vandoor gegaan.

Er is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte één van deze drie jongens is geweest. De officier van justitie gaat ervan uit dat de verdachte de ‘lange jongen’ is die door aangever wordt beschreven, maar dat gegeven signalement is te algemeen. Ook het DNA van de verdachte op een vingertop van een in de woning aangetroffen latex handschoen, kan niet tot bewijs van betrokkenheid van de verdachte bij dit feit leiden, nu hij dit soort handschoenen ook gebruikt tijdens zijn werk als kapper en omdat dit een verplaatsbaar object betreft waarvan de mogelijkheid bestaat dat een ander deze heeft meegenomen. De omstandigheden dat uit zijn telefoon kan worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van het strafbare feit fysiek actief is geweest en dat de verdachte en de medeverdachte Ramdhani elkaar kennen, kunnen eveneens niet (ook niet in onderling verband en samenhang bezien) leiden tot wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte bij dit feit betrokken is geweest. De verdachte, die verklaart dat hij werkhandschoenen wel eens heeft uitgeleend, heeft bij de politie zijn betrokkenheid bij het delict, dat ruim vier jaar geleden heeft plaatsgevonden, ontkend en is een dag na zijn aanhouding in vrijheid gesteld.

Het voorgaande betekent dat de beschuldiging niet is bewezen. De verdachte wordt daarvan dus vrijgesproken.

3
Vordering van de benadeelde partij
3.1.

Vordering [benadeelde partij]

heeft als benadeelde partij voor het feit € 2.615,17 als vergoeding voor materiële schade en € 5.750 als vergoeding voor immateriële schade gevorderd, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De verdachte moet hoofdelijk worden veroordeeld tot vergoeding van deze schade. Daarnaast is € 10.000 gevorderd, anticiperend op de mogelijkheid van het instellen van hoger beroep.

3.2.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering, omdat de verdachte wordt vrijgesproken. De benadeelde partij wordt veroordeeld in de proceskosten die de verdachte heeft gemaakt bij de verdediging van de vordering. Deze kosten worden tot vandaag begroot op € 0.

Beslissing

4
Beslissingen

De rechtbank:

Vrijspraak

verklaart niet bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;

Vordering benadeelde partij

verklaart de benadeelde [benadeelde partij] niet-ontvankelijk in de vordering;

veroordeelt de benadeelde partij in de kosten die de verdachte heeft gemaakt voor de verdediging tegen de vordering, en begroot deze kosten op € 0.

5
Samenstelling rechtbank en ondertekening

Dit vonnis is gewezen door:

mr. D.F. Smulders, voorzitter,

en mrs. S. Zuidwijk en D. van Putten, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. L. Hessing, griffier,

en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 25 augustus 2026.

De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.