Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225.2 Sr), oplichting (art. 326.1 Sr) en verduistering (art. 321 Sr), en gewoontewitwassen (art. 420ter.1 jo. 420bis.1 Sr). 1. Bewijsklacht m.b.t. beschikkingsmacht verdachte over € 29.000 i.v.m. hoedanigheid als zaakvoerder. 2. Bewijsklachten oplichting. 3. Verbeurdverklaring horloge, art. 33a.1.a Sr. Kon hof verbeurdverklaring baseren op art. 33a.1.a Sr, nu feiten mede zijn begaan voor inwerkingtreding van dat artikel? 4. Verjaring verduistering, art. 70.1.2 jo. 72 Sr.
Ad 1., 2. en 3. HR: art. 81.1 RO.
Ad 4. HR (ambtshalve): Om redenen vermeld in CAG is verduistering verjaard. HR zal OM in zoverre niet-ontvankelijk verklaren in vervolging. CAG: Verjaringstermijn van art. 72.2 Sr is aangevangen op 15-9-2011, zodat recht tot strafvordering is vervallen per 15-9-2023. Feit is verjaard na indiening schriftuur, zodat in cassatie hierover niet kon worden geklaagd.
Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. verduistering en strafoplegging (met uitzondering van schadevergoedingsmaatregel en verbeurdverklaring), n-o verklaring OM t.a.v. verduistering en terugwijzing.